Boekgegevens
Titel: Schoolwoordenboekje: beknopte geslachtlijst
Auteur: Boswijk, D.; Walstra, W.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1894
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2019
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202587
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Geslacht (taalkunde), Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Schoolwoordenboekje: beknopte geslachtlijst
Vorige scan Volgende scanScanned page
AANHANGSEL.
e of ee.
Beren {verscheurende dieren).
Beeren {varkens; muurstutten).
Bleken {verl. tijd van blijken).
Bleeken {van linnen; z.n.w.).
Degen {wapen; v. t. vandijgen).
Deegen {zuurdeegen).
Delen {vloeren; planken).
Deelen {gedeelten).
Gene {voornaamwoord).
Geene {telwoord).
Generen (zich) {den kost winnen
met; zich behelpen).
Geneeren (zich) {hinderen, sto-
Helen {verbergen). [ren).
Heelen {genezen).
Keren {vegen).
Keeren {malen; omslaan).
Leken {lekken, vloeien; v. t.
van lijken).
Leeken {niet-geestelijken).
Lenen {leunen).
Leenen {ter leen geven, krijgen).
Rede {verstand, redevoering)
Reede {ligplaats voor schepen).
Slepen {onoverg. w.w.; z.n.w.).
Sleepen {overg. w.w.).
Stenen {zuchten).
Steenen {z.n.w.).
Veren {bij eene rivier).
Veeren {vederen).
Verweren {verdedigen).
Verweeren {verbrokkelen).
Wezen {zijn).
Weezen {ouderlooze kinderen).
O of 00.
Hopen {wenschen).
Hoopen {ophoopen; z.n.w.).
Horen {z.n.w.).
Hoeren {werkw.).
Kloven {v. t. van kluiven; z.n.w.).
Klooven {splijten).
Kolen {brandstof).
Kooien {groente).
Koper {metaal).
Kooper {persoon).
Kozen {verl. tijd van kiezen).
Koozen (in liefkoozen).
Poten {planten).
Pooten {ledematen).