Boekgegevens
Titel: Schoolwoordenboekje: beknopte geslachtlijst
Auteur: Boswijk, D.; Walstra, W.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1894
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2019
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202587
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Geslacht (taalkunde), Woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Schoolwoordenboekje: beknopte geslachtlijst
Vorige scan Volgende scanScanned page
95
ZODIAK—ZWINGEL.
9(
Zodiak, m.; dierenriem.
Zoen, m.
Zolder, m.
Zon, V.
Zondvloed, m.
Zone, V.; luchtstreek, aard-
gordel.
Zoo, zode, V.
Zool, V.; zolen.
Zoölogie, V.; dierkunde.
Zoom, m.; zoomen.
Zorg, V.
Zucht (uitademing), m.
Zucht (verlangen; ziekte), v.
Zuil, V.
Zuip, V.
Zuring, v.
Zwaai, m.
Zwaan, m.
Zwabber, m.; scheepsdweil.
Zwachtel, m.; windsel.
Zwadder, m.; slangenspog.
Zwalp, m.
Zwaluw, v.
Zwam, V.
Zwang, m.
Zwavel, V.
Zweem, m.; schijn, gelijkenis
Zweep, V.; zweepen.
Zweer, v.; zweren.
Zwendel, m.; bedriegerij, op
lichterij.
Zwengel, m.; pompstok.
Zwenk, m.
Zwerm, m.
Zwermer, m.; vuurwerk.
Zwier, m.
Zwijm, V.
Zwijmel, m.; roes, bedwelming
Zwik, m.
Zwindel, m.; zwendel.
Zwingel, m.; braakstok.