Boekgegevens
Titel: Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Auteur: Berman, A.
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, 1891
2e uitg; Heruitgave van de eerste uitgaaf Haarlem, W.H.J. van Nooten, 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1653
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202571
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Handboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
7G
verdichting plaats vinden. Deze lichtende oppervlakte, -waaraan
-wij 't uitstralende zonlicht danken, is de photospheer.
(W. Herschel hield 't inwendige der zon voor een donkeren bol,,
omgeven tot op zeer grooten afstand door een dampvormig om-
hulsel of photospheer, Avaarvan de oppervlakte alleen in gloeien-
den toestand verkeerde. Die photospheer zou omgeven zijn door
een gloeiend damphulsel, chromospheer genaamd).
De Maan.
De middellijn der maan is 469 G. M. = ruim 5 van die der aarde.
Haar oppervlakte is nagenoeg van die der aarde, dus overeen-
komende in oppervlak met Amerika. Haar grootte is ongeveer
j'ïj van die der aarde; daar 't S. G. der stof, waaruit de maan
bestaat, 't I van die der aarde is, zoo is de massa der maan
ongeveer die der aarde. Het S. G. der maan is 3,36maal
dat van water. De gezichtshoek, waaronder de maan van uit
de aarde gezien wordt, bedraagt 29;' tot 33,'^', dus deze is
ongeveer zoo groot als die der zon.
De doorgeloopen ruimte van een vrij vallend lichaam op de maan
bedraagt 0,81 M. in de 1« sec. Een lichaam, dat op aarde 100
KG. weegt, zou op de maan maar een gewicht hebben van 16
KG., tengevolge van de Gmaal minder sterke werking der aan-
trekkingskracht dan op aarde.
De afstand der maan van de aarde bedraagt gemiddeld 52000
G. M. De grootste afstand bedraagt 55000 G. M. als de maan
in haar apogeum is, en 49000 G. M. als ze in haar perigeum is.
Haar dichtste of verste afstand van de zon verschilt dus 49000
-I- 55000 = 104000 G. M.
Zij L de maan, M 't middelpunt der aarde, A en B plaatsen
op aarde, die onder denzelfden meridiaan gelegen zijn. Men