Boekgegevens
Titel: Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Auteur: Berman, A.
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, 1891
2e uitg; Heruitgave van de eerste uitgaaf Haarlem, W.H.J. van Nooten, 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1653
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202571
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Handboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
60
zonshoogte = HJ = DH — DJ = 90" — (^D + ^J) = 90» —
23p — 15»i=90»—38J» = 51>.
Heeft de zon 23}° Z. declinatie (in F) dan culmineert ze in
Z, zonshoogte = HZ — HD — ZD= 00" — 2 X 235° = 00» —
47» =43°.
Daar de zon maar eenmaal in 't jaar 235° N. declinatie heeft,
krijgen de bewoners onder den keerkring maar eenmaal 'sjaars
(21 Juni) de zon in top.
Dus:
Declinatie = O, zonshoogte voor d op 2314° N.B. =
complement der breedte.
Declinatie = 15°N. zonshoogte voor d = = 66+
15° = compl. breedte + declinatie.
Declinatie = 23 M° N. zonshoogte voor d 90° = 66'^° +
23k° — compl. breedte + declinatie.
Declinatie = 15° Z. zonshoogte voor d = = 66K° —
15° = compl. breedte — declinatie.
Declinatie == 23Z. zonshoogte voor if = 43° = 66M° —
23}^° = compl. breedte — declinatie.
Of:
Declinatie = O, dan is voor een plaats onder den keerkring
de zonshoogte = 't compl. der geogr. breedte.
Is de N. declinatie < dan de geog. breedte dan is de zons-
hoogte = 't compl. der geogr. breedte -f- de declinatie.
Is de N. declinatie = de geogr. breedte, dan staat de zon
èr in top.
Is de declinatie zuidelijk, dan is de zonshoogte = 't compl.
der geogr. breedte — de declinatie.