Boekgegevens
Titel: Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Auteur: Berman, A.
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, 1891
2e uitg; Heruitgave van de eerste uitgaaf Haarlem, W.H.J. van Nooten, 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1653
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202571
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Handboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
43
Liggen de plaatsen op 't land, en op geen te grooten afstand
van elkaar, dan kan men gebruik maken -^sji lichtsignalen, hetzij
door 't afsteken van vuurpijlen of 't doen ontbranden van kruit,
of electrische lichtverschijnselen. Teekenen dan de -waarnemers
op beide plaatsen nau-wkeurig den tijd aan, -waarop de seinen
-worden gegeven en gezien, dan zal 't verschil tusschen die tijd-
stippen het verschü in tijd voor de beide plaatsen zijn, omdat
men den tijd, dien. 't licht noodig heeft om zich voort te planten
van de eene naar de andere plaats buiten rekening kan laten.
Nau-wkeurige -waarneming is echter hoog noodig, daar een fout
in 't tijdverschil 15 maal vergroot overgaat in 't lengteverschil;
een fout van 4' in tijd -wordt een fout van 1° in lengte.
Voorbeeld. T-wee personen, een te A en een te ß, hebben juist
geregelde horloges. Komt men nu overeen, dat de persoon te
A een lichtsein zal geven, als 't op zijn horloge 12» is, en
kijkt die te B op zijn horloge als hij het sein te ßziet, en-wijst
dat dan 12" 33' 30", dan verschillen die plaatsen 33'^' in tijd of
X 1 graad = 8° 22' 23" in lengte en ligt B zooveel graden
ten O. van A.
2. Bepaling van 't tijdverschil door den telegraaf.
Liggen beide plaatsen op 't land en bestaat er telegrafische
gemeenschap tusschen beide, dan is er geen beter middel om
't tijdsverschil te -weten dan de telegraaf. De tijd toch, noodig
voor 't voortplanten der electriciteit door de telegraaflijnen is
oneindig klein, en bhjft dus buiten rekening. Men geve b.v.
te Göttingen op de sterrewacht een telegrafisch sein, als 't hor-
loge daar wijst 12" 30' 20". Bij 't ontvangen van dat sein te
Berlijn -wijst het horloge daar aan 12" 44' 15", dan is 't verschil
in tijd 13' 49" en dat in lengte 3° 27' 8'. Zooveel ligt Berüjn
dus oosteUjker.
3°. Men kan ook zijn toevlucht nemen tot hulpmiddelen, wel-
ke bestaan in verschijnselen aan den hemel, die op een gansch