Boekgegevens
Titel: Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Auteur: Berman, A.
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, 1891
2e uitg; Heruitgave van de eerste uitgaaf Haarlem, W.H.J. van Nooten, 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1653
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202571
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Handboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
26
ven gedurende haar geheelen loop boven den horizon zichtbaar.
Sterren, die in den equator staan, bUjven dus steeds in den ho-
rizon, verheifen er zich niet boven, maar dalen er ook niet be-
neden. Ze loopen in 24 uren den horizon in 't rond. Eene ster
in N blijft dus in 't zenith van n, zooals met de poolster 't geval
is ongeveer. Doordien de zichtbare sterren banen beschrijven
evenwijdig met den horizon, wordt de stand des hemels en de
dageUjksche beweging der steiTen, zooals die wordt waargenomen
aan de pool, genoemd parallelle sfeer.
Een bewoner onder den evenaar ziet alle sterren, die aan den
hemel staan; hij ziet evenwel slechts de helft van de banen,
die ze beschrijven. Een bewoner aan de pool ziet maar de helft
van de sterren, die aan den hemel staan; hij ziet evenwel de
geheele loopbaan van elke zichtbare ster. Op 21 Maart verschijnt
de zon in den equator, dat is in den horizon van den poolbe-
woner; dan verwijdert ze zich van den equator naar 't Noorden
toe tot 21 Juni, als wanneer ze in W haar versten afstand van
den evenaar heeft, om dan tot 23 September zich weer naar
den evenaar terug te begeven. Yan 21 Maart tot 23 Septem-
ber blijft de zon bestendig boven den horizon zichtbaar; gaat
dus in 't zomerhalfjaar niet onder. Na 23 September venvijdert
de zon zich weer van den evenaar, maar nu naai- 't Zuiden toe,
tot 21 December, als wanneer ze in F haar versten afstand zuid-
waarts van den evenaar bereikt heeft. Dan nadert ze weer den
evenaar, waarin ze den 21 Maart weer staat. Gedurende den
tijd van 23 September tot 21 Maart komt de zon voor den noord-
poolbewoner niet boven den hoi'izon. In 't winterhalfjaar gaat
dus voor den noordpoolbewoner de zon niet op. Op een dag
van 6 maanden volgt dus een nacht van 6 maanden (die door
de schemering evenwel aanmerkelijk verkort wordt). De culmi-
natiepunten liggen voor 't zomerhalfjaar tusschen A en D. De
schaduw, die een in n loodrecht opgerichte staak geeft, loopt
in 24" een ganschen cirkel rond, van daar, dat de poolbewo-