Boekgegevens
Titel: Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Auteur: Berman, A.
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, 1891
2e uitg; Heruitgave van de eerste uitgaaf Haarlem, W.H.J. van Nooten, 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1653
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202571
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Handboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
Cook ging in 1772 in 0. richting. Door de volmaking der
zeevaartkunde werden de zeereizen minder gevaarlijk en na-
men zulke wereldrondreizen in aantal sterk toe. Yan 1857—
'59 voer 't Oostenrijksche oorlogsfregat Novara, hoofdzakelijk
met wetenschappelijke doeleinden, om de aarde. Van reizen,
deels te land en ter zee, is wel de bekendste die van den
Duitscher Ad. Ei-man van 1828—'30. Tegenwoordig doet men
met behulp van stoomvermogen in 80 dagen een reis om de
wereld, b. v.: Southampton—Newyork in 11 dg.; dan naar
San Francisco per spoor 7 dg.; per boot naar Yokohama 21 dg.;
naar Hongkong 6 dg.; naar Calcutta 12 dg.; naar Bombay per
spoor 3 dg.; tot Port Saïd per boot 14 dg.; en tot Londen, van
Brindisi, per spoor G dg. Spoedig zal ook de aardbol overtrok-
ken zijn met een net van telegraaflijnen. Van Londen uit loopt de
telegraafverbinding westwaarts door den Atlantischen oceaan, de
Yereenigde Staten tot Nieuw Archangelsk op Sitka-eüand. Oost-
waarts tot Japan en Nieuw-Zeeland. Van St. Petersburg zal een
onafgebroken verbinding gelegd worden over Siberië naar de Yer-
eenigde Staten; ze is nu reeds gevorderd tot den mond van den
Amoer.
Alle genoemde zaken saamgenomen bewijzen ontegenzeggelijk,
dat de aarde een bolvormige gedaante heeft. Zooals later zal blijken
heeft de aarde niet volkomen den vorm eens bols, maar dien
van een spha?roïde, omdat ze aan de polen afgeplat is.
Vroegere denkbeelden omtrent den vorm der aarde.
In de overoude tijden hielden de geleerden en beschaafden de
aarde voor een schijf, aan welks rand de zon, maan en ster-
ren op en ondergingen. Anaxagoras (499 v. C.) leerde dat zijn
leerlingen, waartoe o. a. Perikles, Euripides en Theucydides be-
hoorden. Anaximenes leerde, dat de aarde een vlakke schijf was,
waarover zich een beweegbaar kristallen gewelf kromde, waar-