Boekgegevens
Titel: Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Auteur: Berman, A.
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, 1891
2e uitg; Heruitgave van de eerste uitgaaf Haarlem, W.H.J. van Nooten, 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1653
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202571
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Handboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
B
het daar middag is. Hebben wij middag, dan is 'tin Indië
avond, in Australië nacht, in Amerika morgen. Dit is een be-
wijs, dat de aarde in de richting van O. naar W. een gebogen
vorm heeft. Reizen we van 't N. naar 't Z. dan daalt de pool-
ster allengs lager aan den hemel en nieuwe sterrenbeelden ver-
rijzen aan den zuidelijken hemel voor ons oog. Dit bewijst, dat
ook de aarde in de richting van N. naar Z. een regelmatig ge-
bogen oppervlak moet vertoonen.
Optnerking. Was de aarde een schijf, dan zou de zon voor
alle plaatsen op de aarde tegelijk moeten op- en ondergaan, en
op hetzelfde oogenblik zouden overal dezelfde sterren aan den
hemel zichtbaar moeten zijn.
5°. De wijze, waarop de aarde naar alle waarschijnlijkheid
eenmaal is gevormd geworden, doet verwachten, dat ze den bol-
vorm heeft.
6°. Uit de bolvormige gedaanten van vele hemellichamen kan
men met zeer groote waarschijnlijkheid besluiten, dat ook de
aarde den bolvorm heeft.
7°. Men heeft de aarde omzeUd, of deels te land, deels ter zee
omreisd. Door van 't uitgangspunt steeds West- of Oostwaarts te ste-
venen, zal men ten slotte weer uitkomen aan 't uitgangspunt.
Opmerking. Was de aarde een schijf, dan zou men, zoo men
maar ver genoeg reisde, ten slotte aan den rand der schijf moe-
ten uitkomen. Die reizen om de aarde bewijzen, strikt geno-
men, nog niet hAren bolvorm, maar alleen nog maar dat hare op-
pervlakte een in zich zelf terugkeerend gebogen vlak is. 3Iet ze-
kerheid volgt er uit, dat de aarde vrij in 't wereldruim zweeft.
Wereldomzeilingen: Ferdinand Magelhaens, een Portugees, met
Spaansche schepen 1519—'22. De Engelschman Francis Drake
1577—'80. De Duitscher George Spilberg met Hollandsche
schepen 1614—'17. De Engelschman James Cook 1768—'71,
1772—'75, 1776—'80. Tot op Cook's tweede reis gingen alle
reizen van 't O. naar 't W.