Boekgegevens
Titel: Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Auteur: Berman, A.
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, 1891
2e uitg; Heruitgave van de eerste uitgaaf Haarlem, W.H.J. van Nooten, 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1653
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202571
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Handboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
NAMEN DKK Hemellichamen. Afstand ■van de zon in millioenen geographi- sche mijlen. Schijnbare middellijn van de aarde ge- zien in sec. van bogen. Ware middellijn in geo- graphische mijlen. Tijd, noodig voor een omloop om de zon. Duur der aswenteling. Volume dat der aarde = 1 gerekend. Massa die der aarde = 1 gerekend. Dichtheid die der aarde = 1 gerekend. Dichtheid die van water = 1 gerekend. Gewicht van 100 K.G. op aarde. Doorgeloo- pen ruimte in de l" sec. van een vrijvallend lichaam. Aantal manen of satellieten. Lichtgevend vermogen der zon, dat op aarde = 1 gerekend.
Mercurius. 7,7 6,7" 644 88%. 24u5' 0,053 0,074 1,394 7,75 52 2,57 M. 6,674
Venus. 14,4 16,9" 1648 225 dg. 23»21'22" 0,884 0,798 0,903 5,02 87 4,26 M. _ 1,78
Aarde. 19,9 — 1719 1 jaar 23-56' 1 1 1 5,56 100 4,906 M. 1 1
Mars. 30,2 5,8" 918 Ij. 322 d. 24O37'20" 0,153 0,119 0,709 3,94 42 2,05 M. 2 0,431
Asteroïden. 42—79 — 5 tot 50 3 tot 8 jaar — — — — _ _
Jupiter. 103,5 38,25" 19060 11 j. 315 d. 9"55'27" 1289 304,9 0,237 1,32 248 12,16 M. 4 0,037
Saturnus. 189,7 17,1" 15680 29 j. 167 d. 10»29'47" 687 91,25 0,143 0,79 110 5,38 M. 8 0,011
Uranus. 381,4 3,9" 7900 84j. 6d. 12» 87 15,51 0,178 0,99 73,5 3,60 M. 4 0,0027
Neptunus. 597,9 2,7" 8100 164j. 285 d. — 105 15,21 0,145 0,81 68,5 3,36 M. 1 0,0011
Zon. — 31'—33' 185200 — 25'i5J» 1251000 319500 0,255 1,42 2750 134,96 M. _
Maan. — 291'—32'-' 469 — 29<il2»44' 0,0203 0,0123 0,605 3,36 16 0,81 M. — —
Afplatting
aan de
polen.
ris-
/ir
tV
tV
Helling der baan op de aardbaan. Tijd waarin het zonlicht tot de planeet overkomt. Helling der as van de planeet op haar loopbaan om de zon.
7°1' 3,19' 20°
3°24' 6,18' 15°
1°52' 8,25' 12,53' 23f 28°42'
0' tot 35° 17' tot 33' —
1°19' 42,94' 3°
2°30' 1»18,71' 28°
0°46' 2»38,26' 11°
1°47' 4»8,07' —
— — —