Boekgegevens
Titel: Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Auteur: Berman, A.
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, 1891
2e uitg; Heruitgave van de eerste uitgaaf Haarlem, W.H.J. van Nooten, 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1653
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202571
Onderwerp: Astronomie: praktische astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Handboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der wiskundige aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
103
'taphelüun, zoo is de zonnedag 'theele jaar door niet juist even-
lang. Een andere oorzaak voor de afwisselende lengte van den
zonnedag is, dat door den scliuinen stand der aardas, de eclip-
tica een hoek maakt met den equator. Een dag van afwisse-
lenden duur is een slechte tijdmaat, en geen geregeld loopend
uurwerk zou den zonnetijd kunnen volgen; men zou het eiken
dag anders moeten steUen, om den waren tijd te blijven aan-
wijzen. Om dit te vermijden, denkt men zich een zon, die zich in
't vlak van den equator met gelijkmatige snelheid voortbeweegt.
Neemt men nu aan, dat die denkbeeldige zon tegelijk met de
ware zon uit het lentepunt vertrekt, en er ook gelijktijdig weer
aankomt, dan worden ook aUe ongeüjkmatigheden in den schijn-
baren loop der zon om de aarde over een geheel jaar verdeeld
en zal na een jaar de ware tijd weer overeenkomen met den
middelbaren. De tijd, die er verloopt tusschen twee opeenvol-
gende doorgangen der denkbeeldige zon door den meridiaan noemt
men den middelharen dag; de middelbare dag toch is het gemid-
delde van aUe zonnedagen, terwijl men van een in haar en hare on-
derdeden uitgedrukt tijdstip zegt, dat het in middelharen tijd uit-
gedrukt is. Het 24®'" deel van den middelbaren dag is een in't da-
gelijksch leven gebruikelijk uur. Het verschü tusschen den waren
zonnetijd en den middelbaren tijd, heet men tijdsvereffening.
Viermaal in 't jaar, op 15 Aprü, 15 Juni, 1 Sept. en 24 Dec.
stemt de ware middag met den middelbaren overeen en is dus
de tijdsvereffening = o, d.w.z. onze uurwerken wijzen dan 12"
juist als de zon culmineert, dus op 't tijdstip van den waren
middag. De grootste verschülen hebben plaats den 11 Feb. dan
bedraagt het + 14:',5, d.i. het uurwerk wijst 12" 14' 30" aan
als de zon culmineert; de middelbare tijd is den waren tijd dan
14'30" voor. Op 2 Nov. bedraagt het verschü — 16',3 d.i. het
uui-werk wijst dan 11" 43' 42" aan, als de zon culmineert, dus
op 't oogenblik van den waren middag. De middelbare tijd is
dan bij den waren tijd 16',8 ten achter.