Boekgegevens
Titel: De kleine papierwerkers
Deel: I: Wat men van een stukje papier al maken kan : het vouwen
Auteur: Calcar, Elise van
Uitgave: Amsterdam: K.H. Schadd, 1866
[3e dr.?]
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 10062
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202482
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine papierwerkers
Vorige scan Volgende scanScanned page
'16
eenvoudig door het aanlokkelijke van den arbeid zeiven. Is het werk
te zwaar, dan schrikt het af en de ijver is gaauw bekoeld — is
het werk te ligt, dan boeit het niet meer. Men kan ook in den
beginne de kinderen maar niet met een vel papier afschepen en zeg-
gen : »Kom ga wat maken." Wat kan hij maken ? Men moet hem
op weg helpen en zich dan allengs terugtrekken, om hem alleen te
laten zoeken en vinden.
Zullen de kinderen nette vouwsels leeren maken, dan moeten zij
de grondvouwen zuiver leeren leggen — en daaï'om moet men niet te
driftig voortjagen en vooral niet te velerlei dingen gelijk omhalen en
het kind door de veelheid der produkten verwarren, O neen, zoolang
gij hem met de eerste regte en schuine vouwen kunt bezighouden,
moet ge hem niet voortdrijven. — Laat hem telkens het papier
openleggen en op de teekening acht leeren slaan , die hij met deze
kleurlooze lijnen gemaakt heeft. Hij moet vooral opmerken hoe
hij maakt en wat er door elke vouw weder aan zijn werk is
veranderd.
Eerst laten we vouwen van vierkante papieren , daarna van stuk-
ken die langer zijn dan ze breed zijn. Men neme vooral voor begin-
ners de papieren niet te klein — stukjes van 14 duim lang en 14
duim breed , zijn de beste.
Men kan er zes uit een gewoon vel schoolpapier snijden en houdt
dan strooken over, die men bewaart, om voor het papier vlechten te
dienen, waarvoor wij een volgend stukje zullen geven. Het kind leert
hierdoor de waarde der kleinigheden en krijgt lust tot sparen en ver-
zamelen.
Zijn de kinderen groot genoeg en heeft men den tijd, dan moet men
hen ook gewennen het papier zelve gereed te maken. Zij moeten leeren
zich later alleen te helpen en niet altijd iemand noodig te hebben die
hen bedient. Eerst late men de kinderen met het vouwbeen het pa-
pier snijden en zijn zij handig genoeg, dan geve men hun een mesje
om het nog zuiverder te leeren verdeelen. Het vouwbeen is een zeer
nuttig gereedschap voor de bèwaarschool en de kinderkamer tot oefe-