Boekgegevens
Titel: De kleine papierwerkers
Deel: I: Wat men van een stukje papier al maken kan : het vouwen
Auteur: Calcar, Elise van
Uitgave: Amsterdam: K.H. Schadd, 1866
[3e dr.?]
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 10062
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202482
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine papierwerkers
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
»0 ja, liier zijn de lange vouwen, zij vallen allen naar buiten en
de korte zijn in het midden, zij vallen allen naar binnen."
»Goed opgemerkt — dit zullen wij nu eens omkeeren en de lange
vouw in het midden brengen en de korten naar buiten — keer uw
blad eens geheel om — het binnenste komt buiten.'*
»Een parapluitje!" was nu de uitroep. »En welke aardige zakjes
hebben wij nu gekregen!"
»De zakjes zullen nog aardiger worden als wij ze plat drukken —
nu komt de kortste vouw precies op de lange vouwen die in het mid-
den vereenigd zijn."
Elk vond nu een eigen soort van taschje uit — met twee en vier
zakjes; men verbond de kanten of de tippen met kleine lintjes en
men had een nieuw produkt ontdekt, dat zeer geschikt was om aan
vriendjes ten geschenke te geven. Men kan hetzelfde vormsel van
steviger papier nemen en ook met gekleurd papier van binnen en
buiten beplakken — en het met gekleurde lintjes versieren.
Des anderen daags zorgden de kinderen reeds bij tijds, dat er pa-
pier voorhanden was tegen dat hun uurtje zou komen.
Allerlei variaties hadden zij op de zakjes gemaakt en verlangend
zagen zij uit naar meer en tante beloofde ook nog een ander soort
van taschje.
Op nieuwe papiertjes werden nii weder eerst de bekende vouwen van
den vorigen avond toegepast. PI. 1 fig. 10.
Toen vervolgens ook de vouwen fig. il, 12, 13, 14 gelegd waren
werd het papier geopend en steeg de verbazing over het mooije figuur
(fig. 15), doch als de vouwen er weder ingelegd waren, Averd fig. 14
omgekeerd en de vouwen werden vermeerderd met fig. 16, 17, 18
en 19. Nu staarden de kinderen met aandachtig zwijgen op de kun-
stige vingers van tante Mina, die de losse tippen, welke in het mid-
denpunt van fig. 19 liggen, opligtte en omvouwde. Hierdoor ont-
stonden nu hokjes in de hoeken van het figuur, tlie al de kinderen
in een kreet van pret deden losbarsten. PI. III fig. 1. Tante Mina
stak in elk hokje een vinger van de linkerhand en bragt den middel-