Boekgegevens
Titel: De kleine papierwerkers
Deel: I: Wat men van een stukje papier al maken kan : het vouwen
Auteur: Calcar, Elise van
Uitgave: Amsterdam: K.H. Schadd, 1866
[3e dr.?]
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 10062
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202482
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine papierwerkers
Vorige scan Volgende scanScanned page
9
ter, »en dat wil dan nog al een verlicht man van den vooruitgang
heeten."
»Ja, noem het vooroordeel, bekrompenheid, wat ge wilt, maar dat
woord Methode is mij al genoeg, om op dien heelen prullewinkel
tegen te hebben."
Mina \vas een veel te verstandige jonge dame om op zulk een
reusachtig vooroordeel, dat alleen rustte op onbekendheid met de zaak
die bestreden werd, hare krachten te verspillen. Zij begon dus van
geheel andere dingen te praten, en er werd over Fröbel of zijne ont-
wikkehngsleer niet meer gerept.
Den volgenden avond toen het gezin in het huisvertrek vereenigd
was — kwam Mina eensklai)s met de vi'aag voor den dag :
»Hé , broertje, zoudt gij nu nog wel dien pijpenkop van papier
kunnen maken, dien de oude nicht Koosje ons als kinderen leerde?"
»Ja, dat is waar ook, die goede oude nicht! wat was dat in ons
kinderoog eene groote kunstenares," antwoordde de heer W. »Nog
zie ik haar daar zitten op dien avond, toen zij ons een sprinkhaan
van i)apier leerde maken. Voor dat ding liet ik al mijn speelgoed
liggen — kom laat eens zien of ik het nog maken kan."
Vader kreeg een vel papier, en de kinderen schoten vol blijde
verwachting toe om te zien wat er gebeuren zou ; maar vader Avas al
de vouwen vergeten en tante Mina vatte het ras opgegeven werk op
met een volmaakt succes; zij maakte pijpendoppen — klappers —
garenklosjes enz.
Doch het was haar niet genoeg iets voor de kleinen gemaakt te
hebben; zij wist dat het grootste genot der kinderen is en moet zijn,
zelf iets te maken.
»Kom, nu zullen wij allen eens een blaadje nemen," zeide zij, voor
elk der kinderen een vierkant stukje papier gereed makende, PI. I,
fig. i, »en dan zal ieder zijn eigen kunstwerk hebben."
Het kleine driejarige Marietje stak ook de handjes uit,
»Geef haar niet, zij scheurt het dadelijk stuk," zeiden de oudsten.