Boekgegevens
Titel: Zondags-school, of Uitlegging van de evangelien op alle zondagen van het geheele jaar: ten gebruike van Roomsch-Katholijken
Auteur: Jacobs, H.
Uitgave: Venlo: Weduwe H. Bontamps, 1830
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1351
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202473
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: onderzoek en interpretatie van het Nieuwe Testament
Trefwoord: Evangeliën, Kerkelijk jaar
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zondags-school, of Uitlegging van de evangelien op alle zondagen van het geheele jaar: ten gebruike van Roomsch-Katholijken
Vorige scan Volgende scanScanned page
84- Evangelie op den
<( zaad te zaaijen. En als hij zaaide
Ki viel er een deet bij den weg ^ en
<( het werd vertreden, en de vogelen
« des hemels aten het op. Het ander
« deel viel op de steenrots ^ en als het
iy uitgekomen was, verdorde het ^ om-
« dat het geene vochtigheid had. Het
ii andere viel tusschen de doornen : en
« de doornen daarmede opwassende,
« verstikten hetzelve* En het andere
« viel in goede aarde : en opgewassen
« zijnde , bragt het honderdvoud vruch-
i( ten voort* Dit ^zeggende , riep hij :
« Die ooren heejt om te hooren, dat
ii hij hoore, - En zijne leerlingen vraag-
« den hem^ wat dit voor eene gelijr
<t kenis was. Hij antwoordde hun : u
iK is het gegeven het geheim van het
<( rijke Gods te kennen : maar ande-
« ren in gelijkenissen ; opdat zij zien"
« de niet zien , en hoorende niet ver-
staan. Dit is dan de gelijkenis :
tt Het zaad is het Woord Gods ISu ,
tt daar het bij den weg valt, zijn de-
« genen die het hooren ,* daarna komt
^ de duivel j en neemt het woord van
« hun hart weg , ojidat zij niet zou-
« den gelooven en zalig worden^ Daar
» het op de steenrots valt ^ zijn dege-
« nen y die als zij het IVoord hooren ^
« hetzelve .met blijdschap aannemen ,* t
« doch zij hebben geenen wortel^ wantt
« zij gelooven voor een tijd , en len tij-
« de der bekoringe wijken zij aj. En
« daar het tusschen de doornen valt ,
K zijn degenen die het hooren ^ n\aar