Boekgegevens
Titel: Zondags-school, of Uitlegging van de evangelien op alle zondagen van het geheele jaar: ten gebruike van Roomsch-Katholijken
Auteur: Jacobs, H.
Uitgave: Venlo: Weduwe H. Bontamps, 1830
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1351
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202473
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: onderzoek en interpretatie van het Nieuwe Testament
Trefwoord: Evangeliën, Kerkelijk jaar
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zondags-school, of Uitlegging van de evangelien op alle zondagen van het geheele jaar: ten gebruike van Roomsch-Katholijken
Vorige scan Volgende scanScanned page
66 Ei>angelie op den pierden zondag
verdrietelijkheden, welke smarten en pi},nen
kunnen hem niet al overkomen! Hoe vele
standvastigheid heeft liij niet van noode y
om tegen dit alles bestand te zijn , en hoe
dikwijls heeft hij niet re^n , om te roepen ;
Heere , behoed mij of ik verga.
Op deze onstiümige zee moeten wij dan
dobberen , tusschen de hoop en vrees ; en
de ongelukken, die ons overkomen , laat
de Heere geschieden tot onzer zielen zalig-
heid. Wij zullen steeds eene begeerte heb-
ben , om van dit sterftjli^k leven ontslagen
te worden , en tot de haven der gelukzalig-
heid en des vredes tc geraken , in het va-
derland hier boven. God kent de zqnen en
beproeft ben dikwijls, gelijk Abraham en
meer anderen. Wanneer een mensch voor-
spoedig is en bem alles welgaat, dan is het
minder moeijelqk christelijk te leven en te
denken ; doch wanneer hem ongelukken en
tegenspoeden treffen, wanneer het stormt
op de zee, dan ziet men eerst , of Hij aan
God en aan zijne geboden getrouw blijft,
of hij deugdzaam blijft leven ; even gelijk
men de bekwaamheid eens schippers leert
kennen in storm en onweder. Houdt maar
moed, mijne Christenen! die stormen zul-
len ras ophouden ; het zal eenmaal klaar
en helder worden , gelijk de schoonste da-^
geraad, Mogten de stormen ook uw gan-
sche leven door woeden en loeijen, moogt
gij slechts eene schemering van licht zien ,
eenmaal zal de heerlijke dag aanbreken,
waarna geen zwarte Uctcht meer volgen zal.
Gij zult heerlijk opstaan ten jongsten dage
cn in het eeuwige licht vcrtrt^osling. vifltleu.