Boekgegevens
Titel: Zondags-school, of Uitlegging van de evangelien op alle zondagen van het geheele jaar: ten gebruike van Roomsch-Katholijken
Auteur: Jacobs, H.
Uitgave: Venlo: Weduwe H. Bontamps, 1830
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1351
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202473
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: onderzoek en interpretatie van het Nieuwe Testament
Trefwoord: Evangeliën, Kerkelijk jaar
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zondags-school, of Uitlegging van de evangelien op alle zondagen van het geheele jaar: ten gebruike van Roomsch-Katholijken
Vorige scan Volgende scanScanned page
^ Evangelie 'op het ' Feest pan de
« schenken goud , wierook en mirrt
m op. In den slaap vermaand zijnde J
« dat zij niet weder zouden keeren toti
« JiuBOBES ; zijn zij door een ande-A
ren weg weder naar hun land ge~\
u reisdj^
Deze Wijzen, die reeds eenen zoo verren
weg getogen waren , zetten hunne reis ver-
der Toort , toen zij met H KRUDES gespro-
ken hadden. Zoo moeten wij ook steeds
aanhouden met bi<l<len , vasten en botte
doen; wij moeten nimmer verfl.iainveu , maar
meer en nieer ons best doen om op den weg
der genade voort te wandelen « De Wij-
zen gingen henen , /egt het Evangelie , en
de ster die /.ij in he t Oosten gezien had-
den , giug voor hen" en werden daardoor
Bfiar Jbethlehem geleid , waor zi^ boven den
stal, waar JeSL'S in eene krib w^s ueder-
gelegd, bleef staan. Zi] traden er binnen
en vielen ter A^rde om dît f>oddeli]k kind
te aanbidden Vertegenwoordigen wij ons
deze Wij/en in den stal , waar JozKF en
MakiA ntet hun nieuwgeboi'en kind waren. 1
Weike vurige aanbidding van de eene en |
welke verwondering , van de andere zijde.
Sprakeloos dankten de Wijzen , den A.linag-
tigeu en lagen daar geknield voor JeSUS in
de vtirii^ste aanbidding ! Verba ing en ver-
wondering grepen JuSb:i<' en MahIA aan ,
toen zij de^^e doorluchtige personen tot zich
zagen naderen in dezen ellendigen beesten-
slai, waar zij in de grootste armoede ver-
keerden. De drie Wij/en of Koningen ga-
lten ve^Tolgeus de gescheukcn, die zg had-
w