Boekgegevens
Titel: Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Auteur: Bosman, J.M.H.; Charante, N.A. van; Duijs, P.
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1871 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9991
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202459
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kinderverhalen (teksten), Kindergedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Vorige scan Volgende scanScanned page
% H'ï'
mansoog iets ongewoons aan den gezichteinder. Zou het een
schip kunnen zijn? Hij durft het nog niet hopen; de teleur-
stelling zou te groot zijn ; maar de stip wordt grooter, eene
wolk is het niet; het nadert meer en meer; eindelijk ziet hij
duidelijk, dat het een schip is. Stelt u de hoop en de vrees
voor, die den armen man nu bezielden; hoe licht kon het ge-
beuren, dat men hem niet eens opmerkte, en dan waren zij
reddeloos verloren. Zijn Charles moet het nog niet weten;
voorzichtig legt hij het hoofd op den grond , opdat hij niet
wakker woide; de kapitein begint met zijne witte vlag heen
en weer te zwaaien, maar nog ziet hij geen teeken, dat men
hem opmerkt. Eindelijk, God dank! daar wordt een vlag op
en neder geheschen, ten blijke, dat men hem gezien heeft.
Het schip draait bij. en eene sloep steekt in zee. Nu moet
hij zijn' jongen wakker maken, nu hem de redding aankondi-
gen. „Charles! word eens wakker, beste jongen! Wie weet,
of wij nog niet gered worden." Charles opent de oogen en
ziet het blijde gelaat van zijn vader. „Is het mogelijk, va-
der! zouden wij nog bij moeder kunnen komen?" „Ja, mijn
jongen! de goede God heeft ons gebed verhoord; de redding
is nabij. Zie maar eens achter u."
Is het wonder, mijn vriendjes! dat Charles, toen hij inde
verte een sloep zag naderen, in tranen van blijdschap uit-
barstte, terwijl hij zijn vader om den hals viel; dat vader
en zoon, terwijl zij zoo vaak om uitkomst gebeden hadden,
nu te zamen hunne handen vouwden , om het dankbaar hart
voor God uit te storten ?
Een uur later waren de schipbreukelingen aan boord en
werden van alles voorzien wat zij in hun' toestand behoefden.
Ieder was er op uit, om hen het doorgestane leed te doen
vergeten. En wat hen vooral verblijdde, was dat het schip,
hetwelk hen opgenomen had, rechtstreeks naar Engeland ging,
waar zij ruim twee maanden later behouden aankwamen.