Boekgegevens
Titel: Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Auteur: Bosman, J.M.H.; Charante, N.A. van; Duijs, P.
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1871 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9991
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202459
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kinderverhalen (teksten), Kindergedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Vorige scan Volgende scanScanned page
% H'ï'
want haar Charles, nog maar twaalf jaar oud, zou voor^het
eerst met vader naar zee gaan. Hij was niet van de sterksten,
en de dokter had eene zeereis aangeraden. Hoe ongaarne zij
den lieveling ook van zich liet gaan, zij had er dadelijk in
toegestemd, omdat het hem gezonder zou maken; en bij den
vader kwam er dit nog bij, dat hij zijn' oudsten gaarne ook
tot een' flink zeeman zag opgroeien.
't Was een aandoenlijk afscheid, toen onder het gezang der
matrozen het anker gelicht werd en de sloep gereed lag om
de moeder naar den wal te brengen. Sommigen van de oude
zeebonken pinkten zelfs een traan weg, en het //hiep, hiep,
hiep, hoera!" ging eerst van harte, toen de vrouw van //den
oude", zoo als zij den kapitein noemden, uit het gezicht was.
Niet lang duurde het, of het groote schip was van den wal
af gezien, niet grooter dan een visscherspink, langzamerhand
niet meer dan een zwarte stip, die ten laatste geheel uit het
gezicht verdween.
Volgens het voorschrift van den dokter was onze Charles,
wien het zeeleven zeer goed beviel, zoo veel mogelijk op het
dek. Het was aardig te zien, hoe hij des morgens bij een
tafeltje zat te werken, maar door de slingering van het schip
dikwijls veel te lange beenen aan zijne letters maakte, terwijl
zijne cijfers nog al eens onbehoorlijk verlengde staarten kregen,
ja een windvlaagje wel eens, als hij aan zijne moeder zat te
schrijven; terwijl hij even de pen neerlegde, om aan haar te
denken , onverwacht den brief opnam, alsof hij aan de visschen
in de zee in plaats van in Engeland bezorgd moest worden.
Of het door de zeelucht of door de stevige scheepskost was,
dat doel er niet toe. maar werkelijk zag Charles, toen hij eene
week of zes op reis was, er reeds veel beter uit. Zijne kleur
werd gezonder, zijn eetlust was uitmuntend , zijne krachten
namen toe. Hoe verheugd de kapitein daarover was, kunt
gij gemakkelijk begrijpen, als gij bedenkt, hoe lief uwe ouders
u hebben , en in welk eene zorg zij verkeeren, als ge ziek