Boekgegevens
Titel: Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Auteur: Bosman, J.M.H.; Charante, N.A. van; Duijs, P.
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1871 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9991
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202459
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kinderverhalen (teksten), Kindergedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Vorige scan Volgende scanScanned page
% H'ï'
//Dat heb ik van nacht al gedaan, Anna! maar ik was te be-
schaamd om het te zeggen. Maar zeg eens, heb je daarom nu
den geheelen nacht geschreid?"
//Och ja. Leen! ik was zoo bedroefd!"
Nog waren de kinderen bezig met elkander te spreken, ze
zalen hand aan hand en hoofd aan hoofd, toen mevrouw en
Kato binueiikwamen.
//Zoo, dat mag it: zien," riep mevrouw; maar Kato keek
zoü heel blijde niet, toen ze zag, hoe vertrouwelijK die
twee daar bij elkander zaten.
,/Nu weet ik het, tante! wat er aan Anna gescheeld heeft,"
riep Leentje en vertelde toen al schreiende de geheele historie,
van het krijgen vau den bloedneus af tot op het laatste
oogenblik.
Mevrouw boorde alles bedaard aan, en zoo verstokt in de
ondeugd was Kato nu toch ook niet, of er kwamen ook bij
haar een paar tranen kijken.
Domine kwam ook eens zien en hij hoorde het geheele ge-
val van a tot z aan.
//Ditt had wel eens leelijke gevolgen kunnen hebben, kin-
deren!" zeide hij, //doch Anna is nog wel wat te zenuwachtig
om veel meu haar te spreken, we zullen het er later wel eens
over hebben !'*
Een paar dagen daarna was alles weer in orde — aan tafel
werd er niet één gemist. Zoodra er gegeten was, kwam do-
mine zoo ongemerkt op het gebeurde terug en begon toen heel
aardig en duidelijk met de kinderen te spreken.
//Verdraagt elkander!" zeide hij. //Ieder mensch heeft zoo
zijn eigen gebreken, maar in plaats van die bij anderen te
zien, moet men die bij zich zeiven leeren zoeken! Als alle
kindereu, als ook alle groote menschen dat deden^ och er zou
zoo weinig ruzie in de wereld wezen! Maar om nu te maken
dat ieder zijn eigen gebreken leert kennen, heb ik voor ieder
uwer een dikken landbouw-almanak gekocht. — Een landbouw-