Boekgegevens
Titel: Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Auteur: Bosman, J.M.H.; Charante, N.A. van; Duijs, P.
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1871 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9991
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202459
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kinderverhalen (teksten), Kindergedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Vorige scan Volgende scanScanned page
% H'ï'
Nooit zal ik weer bloeien,
Wat lijk ik al naar!
Och! spoedig ga 'k sterven
Dat voel ik zoo klaar!"
Zoo zuchtte een Verbena,
Toen 't voorjaar weer was.
»—Neen!" — glimlacht het zon'tje
Meelijdend door 't glas,—
»Neen! ik zal u koest'ren;
Wees niet meer zoo naar;
Nog zult ge niet sterven.
Lief bloemeken, daar!"
En —'t plantje werd sterker,
Het treurde niet meer;
Het bloeide wat In ter.
Maar — toch als weleer.
miiferrank. G. Tiemkrsma Hzn.
DE OUDE POMP.
Daar was 'reis eene pomp, die aan eenige groote mensehen en
aan een heel groot getal kinderen water moest geven.
Zij had dit al vele jaren gedaan, en — hoewel ze nu en dan
aan schorren hoest leed, zoodat de pompmaker haar bezoeken
moest, — toch had zij tot nu toe geduldig en tevreden haar pomp-
plicht vervuld.
Op zekeren morgen kwamen er een paar beeren bij die pomp;
't waren de eigenaren van 't huis waarbij de pomp behoorde.