Boekgegevens
Titel: Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Auteur: Bosman, J.M.H.; Charante, N.A. van; Duijs, P.
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1871 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9991
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202459
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kinderverhalen (teksten), Kindergedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zaadkorreltjes, gestrooid in de harten van de lieve jeugd: bijdragen in proza en poëzie
Vorige scan Volgende scanScanned page
% H'ï'
wHet gaat haar tamelijk treurig," zeide Frans. „Zij wilde
naar de hoofdstad gaan en daar eene of andere betrekking
zoeken."
;/0, mijn kind, mijn arm kind! zoo ver is het met u ge-
komen!" zuchtte de officier en zonk uitgeput op een stoel ne-
der; toen weder opstaande, vroeg hij. Dat is dus de ring."
Maar waar is het juweelen sieraad, dat zij ook medegenomen
heeft?
//Ik weet niet wat gij meent."
//Heeft mijne dochter dit dan niet bij zich gehad of daar-
van gesproken, het lag altijd in een lederen kistje."
//O, nu herinner ik mij; ik heb het kistje op den dag van
den veldslag ook gfzien, maar men heeft het uwe dochter
ontstolen."
;/Ook dat nog!" riep de officifr uit. //Het sieraad dat mijne
vrouw als bruid gedragen heeft, een oud familiestuk is ge-
stolen! Ik wil dadelijk naar de residentie, ik wil mijn kind
zoeken en eene groote belooning op de ontdekking en gevan-
genneming van den dief zetten. Het kan nergens anders dan
in de hoofdstad door den dief verkocht worden."
Hij wilde werkelijk zijne uniform weer aandoen en het huis
verlaten, en slechts met de grootste moeite gelukte het Frans
hem gerust te stellen en terug te houden.
//Gij moet," zeide hij, //dezen nacht hier blijven en u ver-
sterken door den slaap; morgen in de vroegte gaan wij te
zamen op weg; ik vergezel u naar de hoofdstad en help u
de noodige maatregelen te nemen om uw kind en het sieraad
weder te vinden."
Jeannette was reeds voor eenige dagen in de residentie aan-
gekomen en had alles aangewend om een onderkomen te vin-
den, doch dit was overal te vergeefs geweest.
Zij had haar weinig geld reeds tot voeding en voor nacht-
verblijf uitgegeven. Haar nood was ten toppunt gestegen. Toen