Boekgegevens
Titel: Geschiedenis des vaderlands: leesboek
Auteur: Zwart, A.C. de
Uitgave: Kampen: G.Ph. Zalsman, 1875
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9977
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202451
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Europa
Trefwoord: Nederland, Geschiedenis (vorm), Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis des vaderlands: leesboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
<
152 " GESCHIEDENIS
ook haar bestuur; en, daar zij eene vrouw was, meen-
den zij zich nu nog beter tegen haar opgewassen.
Ja, kinderen, in dien tijd heerschte er een ongeluk-
kige en goddelooze geest van oproer, die uit Frank-
rijk naar ons land overgewaaid, ons volk tot al-
lerlei boosheid leidde. Ik zal u weldra moeten
spreken van mannen, die God niet vreesden en
geen mensch ontzagen, en die allerlei verderfelijke
boeken schreven, waarin zij leerden, dat de mach-
ten niet van God zijn inge&teld, maar zicli zei-
ven hebben opgeworpen; dat niemand aan de over-
heid behoefde gehoorzaam te zijn, en dat de rijke
menschen al hunne bezittingen onder de armen
moesten verdeelen. Ja, zelfs gingen zij zóóver
van te beweren dat er geen God was, en dat ie-
der maar doen mocht, wat hij zelf goed vond. Zulke
boeken werden ook in ons land vertaald en gelezen.
Menschen, die God niet vreesden, sloegen er
geloof aan, en sterkten zich in hunne goddeloos-
heid.
De Gouvernante had met al die menschen, groot
en klein in de wereld, te doen; en hare grootste
vijanden vond zij in de Staten-Generaal. In dien
tijd brak er een oorlog uit tusschen Frankrijk
en Engeland. Wij waren goede vrienden met de
Engelschen, en hadden hun beloofd, hen in den
o-orlog bij te staan. Nu verzochten de Engelschen,
zoo als billijk was, dat wij hun eenige soldaten
zouden afstaan. Zelfs zonden zij een paar sche-
pen, om hen te halen, daar ze niet twijfelden, of
onze Staat zou zijn woord houden. Maar daarin
bedfogen zij zich. De Staten gingen aan het be-
raadslagen, of zij het wel doen zouden; en zonden