Boekgegevens
Titel: Rekenboek ten dienste der scholen, in het Koningrijk der Nederlanden
Auteur: Callegoed, N. van; Witlage, H.G.
Uitgave: Amsterdam: C.J. Borleffs, 1854
9e verb. dr
Opmerking: Tweede stukje. (Tiendeelige breuken)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9807
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202437
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek ten dienste der scholen, in het Koningrijk der Nederlanden
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
Nu begint men de optelling aan de 6,7a
regterhand, bij de kleinste waardijen ; 19,84-5
zijnde hier tienduizendste deelen, waar- 7,2393
voor men 12 tienduizendste, dat is, 4,56
1 duizendste en 2 tienduizendste dee- 5,1789
len bekomt. Deze 2 plaatst men bene---
den de streep > onder de tienduizendste 43,5432
deelen, en telt de 1 bij de duizendste deelen, waar-
voor men 23 duizendste deelen, of 2 honderdste en
3 duizendste deelen verkrijgt. De 3 onder de streep
geplaatst en de 2 wederom bij de honderdste deelen
geteld, komen er 24 honderdste, dat is 2 tiende en
4 honderdste deelen. Deze laatsten zet men onder
de honderdste; en de 2 tiende deelen telt men bij
de tiende deelen, en bekomt 25 tiende deelen, of
2 heelen en 5 tiende deelen. Deze tiende deelen
onder de tiende deelen gezet, en de 2 geheelen bij
de voorgestelde geheelen opgeteld zijnde, is de ge-
heele som 43,5432.
Even zoo handelt men met de benoemde Getallen.
Men plaatst achter de éénheid, zoo als achter den
Guld., het Kilo, de El, de Kan, of wat men voor Een-
heid aanneme, het decimaalpunt; vervolgens plaatst
men de onderdeelen, als de Centen, de Oneen, de
Palmen, enz. als in dehier nevensstaande IsteVoorb.
Voorbeelden, waarvan mea, in het eerste / 5,16
Voorb. de Centen bij elkander tellende, 9,28
234 Centen bekomt. Deze maken, dewijl 7,80
één Guld. 100 Centen doet, 2 Guld. en 34 20,08
Centen. Nu plaatst men de 34 Centen, 15,67
beneden de streep, onder de Centen, en 0,35
voegt de 2 Guld. bij de Guldens, waardoor ---
men tot antwoord bekomt ƒ 58,34. ƒ 58,34
In het tweede Voorb. begint men bij de kolom