Boekgegevens
Titel: Rekenschool: oefeningen voor het aanschouwelijk, uit het hoofd en schriftelijk rekenen
Deel: 7e stukje: Gewone en tiendeelige breuken. "Percent"-, gezelschaps-rekening, enz
Auteur: Wisselink, W.H.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1894
10e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9655
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202402
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenschool: oefeningen voor het aanschouwelijk, uit het hoofd en schriftelijk rekenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
/
100 dW =
10 dJP =
H;
dS;
10,5 L = .. S.
3. Van eene aftrekking is 't aftrektal 165 meer dan de aftrek-
ker, en de aftrekker 405 meer dan 't verschil. Hoe groot
is 't aftrektal ?
4. Schrijf in HA: 150 A; 3000 W.
5. Iemand zet een kapitaal tegen 4 % op rente, en ontvangt
na 12 maanden aan kap. en int. ƒ 2600 terug. Hoe groot
was dat kapitaal?
6. Als om 8 uur het vierde deel van den dag voorbij is, hoe
laat is de zon dan opgekomen?
7. Vul in:
1 dL = .. dAP;
1 cL = .. dM»;
1 dS = .. dM';
8. Iemand moet een getal vermenigvuldigen met 108, maar
ziet de nul van 108 over 't hoofd. Hoeveel maal is zijn
product te klein? Hoeveel maal het vermenigvuldigtal is
zijn product te klein?
9. Welk kapitaal geeft tegen 4^ % in 4^ maand evenveel
rente als /" 2700 tegen 4 "/„ in 6 maanden?
10. Als men den teller eener breuk met 6 en den noemer met
3 vermenigvuldigt, waarmee is dan de icaarde van de breuk
vermenigvuldigd ?
11. Van eene erfenis, die onder A en B verdeeld werd, ont-
ving A 30 % en B f 1000. Hoeveel gulden ontving A?
12. Als iemand 10 % wint, hoe dikwijls is dan begrepen: de
winst op den wkoop? de winst op den verkoop? de «wkoop
op den «Jerkoop?
13. Van welk kapitaal is 2 % juist f 100?
14. Deel 0,693 door 0,07; 0,07 door 3,0175.
'15. Iemand leent geld tegen 4^ %, onder voorwaarde, dat jaar-
lijks , behalve de rente, f 300 afgelost wordt. Als de rente