Boekgegevens
Titel: Kleine lees-oefeningen, kunnende dienen ten vervolge op het vierde of laatste Spelboekje van H. Wester
Auteur: Wester, H.
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1845
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9563
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202383
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleine lees-oefeningen, kunnende dienen ten vervolge op het vierde of laatste Spelboekje van H. Wester
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ik weet het on der scheid tus-
schen de woor den en be tee ke nis-
sen van zin nen en zin tui gen.
Ik hoor met mij ne oo ren, zie
met mij ne oo gen , ruik met mij ne
neus en voel met mijn ge hee Ie
lig chaam.
Met de top pen mij ner vin gers
voel ik het bes te, want daar heeft
de mensch het fijn ste ge voel.
Ik ga op mij ne bee nen lings —
regis y stap wat an, als een man.
Ik sta ook op mij ne bee nen ; ik
hou de borst voor uit, het hoofd
hupsch, en doe als een bon sol daat
Ik kan mij kee ren en wen den
links om, regts om, ziet eens hoe
gaauw kan ik dat-
VFat ben ik blij en vergenoegd.