Boekgegevens
Titel: Kleine lees-oefeningen, kunnende dienen ten vervolge op het vierde of laatste Spelboekje van H. Wester
Auteur: Wester, H.
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1845
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9563
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202383
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleine lees-oefeningen, kunnende dienen ten vervolge op het vierde of laatste Spelboekje van H. Wester
Vorige scan Volgende scanScanned page
II
Ree tje was een aar dig meisje ge-
weest, doch sedert eenigen tijd bad zij
zich ee ne lee lij ke fout aan ge wend-
Zij be gon zich veel in te beel-
den , en speel de de mees te res o ver
al Ie ha re ka me ra den.
Haar broer tje, een zoet jon ge tje,
mogt aan haar speel goed niet ko men;
want als hij het slechts aan raak te,
krab de en sloeg zij hem.
De meid graauw de zij loc, en als
zij van haar iets wil de heb ben
zei de zij, gij moet het doen.
Dan deed het die goe de meid, maar
ik zoude gezegd hebben: jonge juf-
vrouw ! als gij be leefd spreekt, dan
zal ik het doen, an ders niet.
Dit ge drag ver veel de ha ren va-
der, en nadat hij het nufje daar