Boekgegevens
Titel: Kleine lees-oefeningen, kunnende dienen ten vervolge op het vierde of laatste Spelboekje van H. Wester
Auteur: Wester, H.
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1845
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9563
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202383
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleine lees-oefeningen, kunnende dienen ten vervolge op het vierde of laatste Spelboekje van H. Wester
Vorige scan Volgende scanScanned page
II
En dan moes ten wij ons we der
aan klee den en hard loo pen, om
in de school te ko men.
Dan zou den wij ook wel twee-
maal zoo sterk zwee ten, en wat
hielp ons dan het zwem men.
Neen zei de Jan on be schaamd, ik
ben te lui om ver te loo pen ^ ik ga
hier in het wed de, dat is ook
goed.
Met de school breek ik mijn
hoofd niet , wat komt het er op
aan of wij wat laat ko men , al
kwamen wij er in het geheel niet:
de school is geen kik vorsch en zal
dus niet weg sprin gen.
Toen zei Piet on stand vas tig: ja
maar de mees ter zou knor ren, en
wat zou den de men schen zeg gen,