Boekgegevens
Titel: Kleine lees-oefeningen, kunnende dienen ten vervolge op het vierde of laatste Spelboekje van H. Wester
Auteur: Wester, H.
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1845
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9563
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202383
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kleine lees-oefeningen, kunnende dienen ten vervolge op het vierde of laatste Spelboekje van H. Wester
Vorige scan Volgende scanScanned page
II
Hein speel de eens op de stoep
met knik kers, toen kwam de mees-
ter, fluks nam hij de knik kers op,
en ging ij lings in huis.
Gij zijt een zotte jongen, zei de
de mees ter tot Hein, ik mag im mers
wel zien, dat gij speelt, toen ik
een kind was, speel de ik ook graag.
Rin de ren mo gen wel spe len, zei-
de de mees ter, en be hoe ven voor
mij niet weg te loo pen, maar hoe
aan ge naam het spe len is, zij moe-
ten er uit schei den, als het tijd is
om te lee ren.
Jan bab bel graag had een stuk
stop verw in de school me de ge-
bragt , dat zal ik zoo plat slaan
als de wereld, zei de hij.
Toen lacht ten al Ie jon gens den