Boekgegevens
Titel: Themata of oefeningen over de verscheiden rede-deelen, volgens de woordschikking der Fransche tale: waar achter gevoegd zyn algemeene grond-regelen dier tale, voorgesteld in vragen en antwoorden, geschikt voor Fransche scholen
Auteur: Winkelman, O.R.F.W.
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1817
9e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9484
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202361
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Themata of oefeningen over de verscheiden rede-deelen, volgens de woordschikking der Fransche tale: waar achter gevoegd zyn algemeene grond-regelen dier tale, voorgesteld in vragen en antwoorden, geschikt voor Fransche scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
30
'denk niet, voegde liij er bij, u er uit te redden door
woorden; die lust'heeft, zich te bedriegen, kan bet
doen; ik voor mij, ik zal mij wel wachten vanheite
doen. Het best is, zich te bemoeijen met zijne
gen zaken, en de zorg voor den ftaat over te laten
aan heri, die tot de regering geroepen zijn. Men
moet trachten, de voornaamfte te zijn in zijn beroep,
en nooit iemaad te laten voorbij ftreven in wel te
doen.
Over de Bijmof den,
46. De brieven zijn reeds aangekomen; zti znllea
aanftends uitgegeven worden : gaac dan, bi,) tijds zien
of er geen zijn voor mij. VVlj zullen voortaan daar
anders in voorzien; wij hebben daarin niet wel ge-
daan; wij krijgen de brieven altijd te laat; men Hioeï
gedurig gaan vragen ; -en dat ongemak is gekomen fe«
dert de verandering die men gemaakt heeft. Wan-
neer heeft men het kantoor verplaatst? Sedert drie
weken is het al geweest, daar het thans is Zonder
twijfel, dat er redenen zullen zijn geweest om het
te veranderen. Ik twijfel daar geenszins aan; onder-
tusfchen geeft het veel verwarring in het eerst. Hij
heeft reeds rotternijen genoeg bedreven; het zou hem
eindelijk wel eens pasfen, wijs te worden. Ik aal
hei u in weinig woorden zeggen, hoe meer doodeu ,
hoe minder vijanden.
Over de Voor&etfelt.
4.7. Wat dien man aangaat, ik geloof, dat hij een
zeer eerlijk man is; want hij is altijd welgezind je»
gens zijnen evenmensch; die alks voor zijne vrien-
den over heeft; en die, niettegenflaande den trek,
welken zijn neef hem gefpeeld heeft, hem niet den
minsten haat toedraagt; maar in tegendeel hem, ge-
durende zijn ongeval, veel dienst gedïwn Ijeefc, en