Boekgegevens
Titel: Themata of oefeningen over de verscheiden rede-deelen, volgens de woordschikking der Fransche tale: waar achter gevoegd zyn algemeene grond-regelen dier tale, voorgesteld in vragen en antwoorden, geschikt voor Fransche scholen
Auteur: Winkelman, O.R.F.W.
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1817
9e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9484
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202361
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Themata of oefeningen over de verscheiden rede-deelen, volgens de woordschikking der Fransche tale: waar achter gevoegd zyn algemeene grond-regelen dier tale, voorgesteld in vragen en antwoorden, geschikt voor Fransche scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
21 ^^
niet gehad hadden. Hij zou wel gekomen zijn, maar
hij zal geen tijd gehad hebben. Zoo haast als zij de
brieven gehad hadden, vertrokken zij.
Met het lijdend Hulpwoord.
30. Ik ben gekomen, om te zien, of gij gereed
zijt. Waar waart gij zeo even ? Ik heb u overal ge-
zocht. Ik was in de kamer om iets te krijgen. Zijt
gij in langen tijd niet te Amfterdam geweest ? Ik
was er verleden week ; toen ben ik ook bij uwen
fchoonbroeder geweest. Zoo ik bij u was geweest,
zouden wy op de beurs gegaan zijn. Ik ben zeer
verlegen met dien man; hij heeft veel goedheid voor
mij gehad, en ik ben niet in ftaat, hem te vergelden
de dienften, die hij mij bewezen heeft. Zoo wij wijs
waren, zouden wij hier niet blijven, zonder iets uit
te voeren. Wij zijn tegenwoordig midden in den zo-
mer. Ik zal de eerflie zijn om er over te gaan; gij
hebt mij maar te volgen. Ik zou rijker zijn, indien
ik niet zoo ongelukkig was geweest. De dwaas is
hardnekkig en twijfelt nooit; hij weetalles, behal-
ve zijne dwaasheid. De wijze verliert zijnen geest
met keonis; het aankweeken der kunsten is zijn wei-
behagen ; de geleerden en vernuftigen zijn zijne meest
gelieWe gezelfchappen.
31. Indien wij tot hiertoe niet vergenoegder waren
geweest dan gij, zouden wij zeer te beklagen zijn
geweest. Gij zijt gierig, en echter zijt gij niet rijker,
dan of gij mild waart geweest. Laat ons van daag
alle vrolijk zijn. Zij zijn niet wijs genoeg geweest
in die zaak; zoo gij in het geval waart geweest, gij
zoudt wijzer geweest zijn. Ik ben nooit te huis, als
gij mij komt bezoeken. Wij zijn gisteren op de bui-
tenplaats van mijnen heer N. geweest. Ik zal voor-
taan wijzer zijn, dan ik tot hiertoe geweest ben; ik
hei mij altijd vergenoegd met hetgeen hij mij wilde
B 3