Boekgegevens
Titel: Sammlung holländischer Prosastücke zum Übersetzen ins Deutsche: nebst Uebungen für die oberen Klassen höherer Lehranstalten
Auteur: Wesseldijk, G.
Uitgave: Harlem: W.C. de Graaff, ca. 1884 *
2. Aufl; 1e dr.: 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9503
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202352
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Proza (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Sammlung holländischer Prosastücke zum Übersetzen ins Deutsche: nebst Uebungen für die oberen Klassen höherer Lehranstalten
Vorige scan Volgende scanScanned page
68
wachte geweerschot dus een schrillen wanklank.®® En om
ons voor goed®® uit onze mijmering te wekken, werd onze
aandacht eenige oogenblikken later afgeleid door 't blaffen
van een hond, die zich weldra op den duintop vlak over
ons vertoonde.
Het was een slank®' gebouwde patrijs,®® mooi geteekend.
Zijn grijze huid met bruine vlekken en lang afhangende®® ooren
glommen als satijn. Nu*" stemt schoonheid niet alleen tot be-
wondering, maar ook tot ingenomenheid, en daarom konden
we ons natuurlijk volstrekt niet vereenigen met de harde
woorden,die zijn inmiddels eveneens te voorschijn^' gekomen'»'
meesters hem, onder bedreiging met de zweep, toewierpen.
We hadden hier dus met een paar jagers te doen, waar-
van de een reeds bejaard*^ en poover*® in de kleeren,
dat bedrijf vermoedelijk voor** zijn brood** uitoefende;
terwijl de andere, volkomen in den stijl uitgedost, hem blijk-
baar voor*® zijn liefhebberij*® volgde. Jagers en visschers,
meende mijn vriend, zijn gezellige lui, en werkelijk kostte
het ons dan ook niet veel moeite een praatje met hen aan
te knoopen. Onze*® eerste inlichting betrof*® de bestraffing
van den hond, die volgens den ouden Nimrod een groot
gebrek had. Het was een vurig beest, een beste staande
hond, dat wil zeggen, dat hij doodstil*' bleef staan als hij
wild in den neus had, maar als dat dan was opgejaagd en
het schot gevallen zonder doel te treffen, begon*® hij on-
middelijk zijn teleurstelling, misschien wel verontwaardiging
lucht*® te geven*® door*® een hevig gebas aan te heffen.
aJiiêton. in oorgcrüdtem " juncid^ft crfunbigtcn
gSnjlich, oötlig. ter. njir nnS nat^.
ögl. httge»'/ ft^Ianf" nrmli^. niöuf^enftitl.
fchmäd^tig. alS feinen Srnjerb. " machte er — ?uft.
Spig. nte Siebhaber (tjgl. " folgenben öertürjfen
f)«abhöngen. ber gonntogêjöger Sfebenfog mit „ba»
9?un (raetl Schluß' bem engt, would- burd) bo§" ein=
fotgerungüortiegt). be hunter ent= leiten,
fic^tbar «erben. fprechenb).