Boekgegevens
Titel: Sammlung holländischer Prosastücke zum Übersetzen ins Deutsche: nebst Uebungen für die oberen Klassen höherer Lehranstalten
Auteur: Wesseldijk, G.
Uitgave: Harlem: W.C. de Graaff, ca. 1884 *
2. Aufl; 1e dr.: 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9503
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202352
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Proza (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Sammlung holländischer Prosastücke zum Übersetzen ins Deutsche: nebst Uebungen für die oberen Klassen höherer Lehranstalten
Vorige scan Volgende scanScanned page
50
zijn boek" kon bewijzen, in dat jaar de volle gewone pacht
betaald had niet alleen, maar er ook niet aan had gedacht
om vermindering van de pacht te verzoeken.'® Nu wist
Blankert, dat Buts niet meer of minder was dan een gewone
alledaagsche'® dief, alias een schurk, bekwaam tot allerlei
boosheid. En tevens wist nu Blankert, dat hij den schurk in
handen had en dien zou kunnen dwingen naar zijn wil.
Dat nam niet weg, dat het nog altijd van groot belang
moest geacht worden, zoo mogelijk het een ofanderinden
boedel'-^" te vinden, dat ook in deze zaak Gillis Buts kon
overtuigen van schelmerij. En Blankert ging op nieuw aan
het doorzoeken. Het was een taaie arbeid, doch ook hier
bleek de waarheid van het woord, dat het werk zijn meester
loont, en van dat andere woord : de aanhouder^' wint.
Hij vond een anderen brief van den gewezen rentmeester,
die betrekking had op de zaak van Baij. Die brief moest
strekken tot toelichting van het bekende schrijven van Baij
zeiven, waarbij hij uitstel^^ van of betaling''^® der schuld'^®
vroeg.'® Buts raadde daarbij zijn heer aan, zich door zijne
gewone goedhartigheid in deze zaak niet te laten mede-
slepen. Baij was iemand, die aan den drank was,^* zijn zaak
liet verloopen^® en aan allerlei leelijke^® praktijken schuldig
stond ; in één woord,Baij had ten naaste bij iets van een
schurk, een oplichter, een mauvais sujet in de hoogste
macht.^® 't Beste was, dat (o.) meneer die zaak maar geheel
aan hem over liet®" en ook zelf den man niet antwoordde.®"
Hij zou®" de zaak wel op de geschiktste en zachtste wijze
ten einde brengen,®" enz.
Nu achtte zich de heer Blankert voldoende ingelicht en
" ^lurol. " 3luTlcï)ub beë ïer» " fc^lecht.
" na^fud^en. min«, ©tunbung " furjum.
gemeinen Sd)ïageê. ^^ Sompofit. »tilgung. ©^minbler.
^^ ^noentar. " bemSruntefrö^nen.'•13oten5.
tt)erau«hält3Sgt. ber " nit^t „»erlaufen." Gonjunct. -Smperf.
luê^alter = point SWan überfe^e:
d'orgue. veronachtzamen.