Boekgegevens
Titel: Sammlung holländischer Prosastücke zum Übersetzen ins Deutsche: nebst Uebungen für die oberen Klassen höherer Lehranstalten
Auteur: Wesseldijk, G.
Uitgave: Harlem: W.C. de Graaff, ca. 1884 *
2. Aufl; 1e dr.: 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9503
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202352
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Proza (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Sammlung holländischer Prosastücke zum Übersetzen ins Deutsche: nebst Uebungen für die oberen Klassen höherer Lehranstalten
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
De kloosterling van Heisterbach,
Een jonge monnik uit het klooster Heisterbach wandelde
tot aan den versten uithoek^ van den tuin, in stilte diep
over de eeuwigheid nadenkend, en in het heilige woord
Gods vorsehend.
Hij las wat de apostel Petrus sprak: duizend jaar zijn den
Heer gelijk een dag en een dag is Hem gelijk duizend jaar.
Maar hoe hij peinsde , het werd hem niet duidelijk. Al twij-
felend komt hij dieper in het bosch; wat om hem plaats
grijpt® hoort en ziet hij niet; niet^ voordat® de vesperklok
klinkt, wordt hij aan de ernstige kloosterplichten herinnerd®.
In allerijl spoedt hij zich naar den tuin, waar een onbekende
hem de poort opent. Hij staat verbaasd'^ — maar zie, reeds
schittert de kerk helder, waaruit het heilige koorgezang der
broeders weerklinkt. Hij treedt binnen en ijlt naar zijn stoel,
maar welk wonder — daar zit een ander ; als hij de lange
rij der monniken overziet, vindt hij slechts onbekenden hier ter
plaatse®. De verbaasde wordt van alle kanten met ver-
wondering aangekeken , men vraagt naar zijn naam, wat hij
verlangt® ; hij zegt dien — toen verneemt men een gemurmel
door het heiligdom : »in driehonderd jaar heette niemand
meer zoo." — »De laatste van dezen naam," weerklonk het
daarop, »was een twijfelaar en verdween in het woud, na-
derhand gaf men niemand uien naam meer." De monnik hoort
het woord, een rilling loopt hem door de leden. Hij noemt
den abt en het jaargetal, men neemt het oude kloosterboek
ter hand. Thans wordt een groot goddelijk wonder duidelijk,
hij is het die sinds drie eeuwen verdwenen was. Ha, welk
een oplossing: Plotseling wordt^" zijn haar grijs^", hij zinkt
neder in de armen des doods, en stervend vermaant hij de
broederschaar: »God is boven tijd en plaats verheven. Wat
hij ons verbergt, kan slechts door een wonder duidelijk
' Ort. «ie. ® atn Ort.
^ Bürgeren. ® gemahnen. ® nad) feinem 33ege^r.
erft. ' ftugen. grauen.