Boekgegevens
Titel: Rekenboek voor de lagere school
Deel: 8e stukje
Auteur: Walda, R.H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1895 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9306
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202311
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
42
wordt eene schutting geslagen. Als ze M hoog is,
bereken dan hoeveel M^ hout er voor noodig is?
3. Hoeveel cA bedraagt de oppervlakte van dien tuin'?
4. Om dien tuin wordt, langs de beide andere zijden, eene
sloot gegraven, welke 3 M breed en VI^ M diep is en
2 M bodemwijdte heeft. Hoeveel M^ grond moet uit-
gegraven worden?
5. Een veehandelaar verkoopt eene koe met verlies. De
verkoop is juist 19 maal het verlies. Hoeveel percent
is er verloren?
6. Wordt de komma in eene tiendeelige breuk één cijfer
naar de rechterhand verplaatst, dan is de breuk 3,375 in
waarde vermeerderd. Welke is die breuk?
7. Eene vrouw heeft 6 M katoen noodig, indien het 1 '/2
M breed is. Met hoeveel M kan zij toe, als ze katoen
van 2 M breedte neemt?
8. Een koopman kocht twee vaten tabak, wegende bruto
600 KG tegen / 0,50 per KG netto. Als hij ze betaalde
met / 277,875 en hij korting voor contante betaling
genoot, hoeveel percent tarra was hem dan toegestaan?
9. Iemand zegt aldus: 45 X 45 = 5 X 5 of 25, en 4 X
4 verander ik in 4 X 5 = 20; dus 45 X 45 =
2025. Begrijpt ge die nieuwe manier van vermenigvul-
diging?
Bereken dan evenzoo: 25 X 25, 65 X 65, 35 X
35, 75 X 75, 85 X 85 en 105 X 105.
10. Bereken vermenigvuldigtal en vermenigvuldiger, als ge
weet, dat ze tot elkander staan als 25 en 16 en hun
product 3600 bedraagt.
11. Voor 4 jaar was Grootvader juist 4'/^ maal zoo oud als