Boekgegevens
Titel: Rekenboek voor de lagere school
Deel: 8e stukje
Auteur: Walda, R.H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1895 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9306
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202311
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
33
3. Een handelaar heeft twee partijen graan gekocht, samen
voor f 1320. De prijs van een HL der eene partij is
f 5, der andere / 4. Hoe groot is elke partij, als de
HL door elkander / 4,40 kost ?
4. Iemand ontvangt eene partij waren en bepaalt den prijs
zóó, dat hij lOVo wint. Daar hij 5 KG niet betaald
krijgt, wint hij slechts Bereken nu het gewicht
der partij.
5. A, B en C brengen voor een zekeren handel f 6000
bijeen. A en B geven samen / 3600, A en C /4000.
Welk deel der behaalde winst komt B toe?
6. Een winkelier ontvangt eene kist thee. Wanneer hij
voor 1 KG f 2,30 neemt, verliest hij in 't geheel f 2;
stelt hij den prijs per KG op / 2,75, dan wint hij / 7.
Wat kost 1 KG bij inkoop?
7. Een tafelblad, dat maal zoo lang als breed is, heeft
1.44 M^ oppervlakte. Bereken de lengte en breedte.
8. Een leerling deelt een getal door 12 en het quotiënt, dat
hij verkrijgt, weer door 5. Als beide deelingen geen
rest laten en de som der quotiënten 432 is, wat was dan
het deeltal?
9. Teller en noemer eener breuk verschillen 1. Als men
den teller door 5 deelt, moet men den noemer met I2V5
verminderen, zal de breuk in waarde gelijk blij ven. Wel-
ke is die breuk?
10. De omtrek van een stuk land is 7,5 HM. De lengte
is daarvan V3 gedeelte. Hoeveel A is het groot?
11. Iemand leent aan A en B een even groot kapitaal; maar
de eerste geeft 4 en de andere 4'/2®/o- Na een jaar
ontvangt hij van beiden aan kapitaal en interest te zamen
3