Boekgegevens
Titel: Rekenboek voor de lagere school
Deel: 8e stukje
Auteur: Walda, R.H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1895 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9306
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202311
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
24
dat de aandeelen van A en B zich verhouden als 2 en
3 en die van B en C als 4 en 5. Welk gedeelte ont-
vangt C van die som ?
11. C en D handelen samen. De eerste legt ƒ 600 minder
in dan de laatste. Zij winnen f 495, waarvan C
ontvangt. Hoeveel heeft ieder ingelegd ?
12. Een weiland heeft den vorm van een rechthoekig tra-
pezium. De beide evenwijdige zijden zijn 3 en 4 HM
lang en de breedte is 8 DM. Bereken nu de grootte in
in HA.
13. a c
De eigenaar van dit weiland laat er
\ een staketsel cd slaan, evenwijdig
\ aan aè. Hoeveel cA is ede groot?
b d 6
14. Bereken den verkoopprijs eener koe, als ge weet, dat de
inkoop / 200 en de winst llVa^/o van den verkoop be-
draagt.
15. Bereken: {(l'/g : 3,75) X (l'/ie : 4,75)} : 0,125.
16. Een paard werd verkocht voor / 475. Ware de ver-
koop y 550 geweest, dan zou er tweemaal zooveel ge-
wonnen zijn, als er nu verloren is. Hoeveel percent is
het verlies van den verkoop?
17. Een winkelier koopt 4 balen koffieboonen van 62,5 KG
op 3 maanden crediet óf contant tegen VsVo korting
per maand. Indien hij het laatste kiest en met / 344,75
voldoet, vraagt men den prijs van 1 KG op 3 maanden
crediet.
18. Een heer is /1200 schuldig, te betalen over een halfjaar