Boekgegevens
Titel: Rekenboek voor de lagere school
Deel: 8e stukje
Auteur: Walda, R.H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1895 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9306
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202311
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page

verschil, dan bekomt men 100. Indien men het kleinste
van het verschil aftrekt, verkrijgt men 25. Welke zijn
de twee getallen ?
18. Iemand verdeelt 15 gld onder 10 vrouwen en 12 mannen.
Hoeveel ontvangt elke man, als een man en eene vrouw
samen / 1,35 verkrijgen ?
19. Bij eene verdeeling van turf staat het aandeel van A tot
dat van B als 3 tot 4 en het aandeel van B tot dat van
C als 6 tot 7. Welk gedeelte van al de turf ontvangt C?
20. Een winkelier ontvangt een baal rijst tegen 22,5 ct per
KG. Tegen welken prijs verkocht hij 1 KG, als hij voor
f 2,25 een tiende gedeelte minder gaf dan hij er voor
ontving ?
§ 3.
1. Een werk kan door A in 18 en door B in 24 dagen
worden verricht. A moet het in 15 dagen afmaken. Hoe-
lang moet B hem nu helpen ?
2. Iemand zet een kapitaal op interest tegen 5 "/o- Hoelang
moet het uitstaan, zal kapitaal en interest IVso maal
zoo groot zijn als het uitgezette kapitaal ?
3. Een handelaar verkoopt eene partij waren voor f 247,50.
men vraagt den inkoop, als deze achtmaal zoo groot is
als de winst.
4. Iemand leest in de courant: Boter Ie keur ƒ50. Om
den prijs van een halve Kilo te berekenen, zegt hij: V4
van / 50 is / I2V2; dat is dus 12stuiver het halve
Kilo.
Is dat goed gerekend en waarom?
5. Het snees eieren kost 85 ct. Dat is 17 stuivers, zegt