Boekgegevens
Titel: Rekenboek voor de lagere school
Deel: 8e stukje
Auteur: Walda, R.H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1895 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9306
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202311
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
,'M
0,75 Men IV5 M diep. Hoeveel HL aardappelen kun-
nen er in ?
8. Bereken den inhoud van een kubus, als zijne ribben sa-
men 54 dM lengte hebben.
9. Als een handelaar eene partij waren met I2V3V0 winst
verkoopt, vraagt men welk gedeelte de winst van den
verkoop uitmaakt.
10. Iemand zet V3 van zijn kapitaal uit tegen 4®/o > de
helft tegen 4V//o en de rest tegen 41/4 Vo- Welk
percent ontvangt hij gemiddeld ?
11. Een winkelier ontvangt 4 balen koffieboonen, van 62,5
KG ieder. Hij kocht ze in tegen / 0,75 het halve Kilo.
Zoo hij IVaVo mag korten, vraagt men, hoeveel gld hij
moet betalen ?
12. Een gang is 3,2 DM lang en 1,6 M breed. Hoeveel
steenen van 4 dM in het vierkant zijn er noodig om
deze gang te bevloeren ?
13. B. enCkoopen laken; de eene 10 en de andere 12 Men
betalen dezelfde som.
Als het laken van B 90 ct per M meer kost dan dat
van C, vraagt men den prijs van 1 M van B.
14. Al de ribben van een kubus zijn samen 54 dM lang;
bereken de oppervlakte van dit lichaam.
15. Hoe laat is het, als voor het eerst na 3 uur de mi-
nuutwijzer boven den uurwijzer staat ?
16. Van twee werklieden verdient A in 8 weken 4 gld min-
der dan B in 10 weken. Als de eerste per week 2 gld
meer verdient dan B, vraagt men het weekloon van
den laatste.
17. Vermindert men de som van twee getallen met hun