Boekgegevens
Titel: Rekenboek voor de lagere school
Deel: 8e stukje
Auteur: Walda, R.H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1895 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9306
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202311
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek voor de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
14. Een handelaar kocht eene partij tabak voor 600 gld.
Na 4 maanden verkocht hij ze op 3 maanden crediet
tegen 57 ct per KG, waardoor 24Vo 's jaars gewonnen
werd. Hoe zwaar woog die partij ?
15. B is aan C schuldig 1575 gld, te betalen over 10 maan-
den. Terstond betalende, kan hij met 1500 gld voldoen.
Hoeveel percent 's jaars rabat kan hij dan genieten ?
16. A, die zeker werk alleen in 15 dagen kan doen, werkt
met B daaraan eerst 6 dagen en verricht nu de rest in
472 dag. In hoeveel dagen zou B het alleen kunnen
doen ?
17. Een reiziger gaf deel en 15 gld van zijn geld uit.
Hij hield nu nog evenveel maal 3 gld over als hij 2 gld
uitgaf. Hoeveel geld had hij eerst?
18. Een vader laaty 37500 na aan zijne kinderen, één zoon
en twee dochters. Als de dochters elk tweemaal zooveel
er van ontvangen als de zoon, hoeveel erft dan de laatste?
19. In een bak, lang 8 dM en breed 5 dM, staat de olie 0,9
M hoog. Men verkoopt er eerst 24 L en later nog eens
36 L uit. Hoe hoog staat de olie nu nog ?
20. A, B en C verdeelen 190 gld zoo, dat B tweemaal zoo-
veel rijksdaalders en C viermaal zooveel guldens krijgt
als A gouden tientjes. Hoeveel rijksdaalders ontvangt B?
AFDEELING II.
§ 1.
1. Hein en zijn zuster hebben eenig geld bespaard. Het