Boekgegevens
Titel: Eerste onderrigt in de natuurlijke lees-leerwijze
Deel: 6e stukje
Auteur: Vries, J.J. de
Uitgave: Leeuwarden: U. Proost, 1858
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9261
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202291
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste onderrigt in de natuurlijke lees-leerwijze
Vorige scan Volgende scanScanned page
26
22. De ou-der-lie-ven-de knaap.
Wil-lem en Dirk had-den den tuin-
man ge-hol-pen, om de bloe-men te be-
gie-ten, en kre-gen daar-voor elk een
paar ap-pels.
O, Hoe heer-lijk! sprak Wil-lem ter-
wijl hij in een ap-pel beet. Maar Dirk
stak zij-ne ap-pels in den zak, en zei-de:
ik zal ze voor Moe-der be-wa-ren; want
Moe-der is ziek en moet drank-jes in-
ne-men. Dit hoor-de de heer, bij wien
zij in den tuin wa-ren. Hij riep Dirk en
sprak: ik hoor met ge-noe-gen, mijn
jon-gen! dat gij u-we Moe-der lief hebt.
Breng de-ze drui-ven ook aan haar;
die zul-len haar ver-kwik-ken.
Met tra-nen in de oo-gen be-dank-te
Dirk den heer, en snel-de naar zij-ne
Moe-der, om haar de drui-ven te bren-
gen. Niet lang daar na her-stel de
de Moe-der tot groo-te vreugde van
den bra-ven Dirk.