Boekgegevens
Titel: Kort begrip der bijbelsche geschiedenis: een schoolboek voor de jeugd
Auteur: Verwey, Bernardus
Uitgave: Amsterdam, Deventer en Leiden: Frederik Muller, A.H. de Lange en A.W. Sijthoff, 1857
Maatschappij: Tot nut van 't algemeen
7e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9208
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202277
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Bijbelse geschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort begrip der bijbelsche geschiedenis: een schoolboek voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
GESCHIEDENIS.
17
alle werelcldeelen voor(gesprofen; die vanJd-W.
sem zijn in Jz/é" gebleven; chams nakomelin-
gen hebben Afrika bevolkt, en jafetus af-^®®®'
slammelingen hebben zich lot in Europa
uitgebreid.
Noacu stierf in den ouderdorti van negen
honderd en vijftig jaar (*).
V. De nakomelingen van .\oacii leidden Lcef-
vveder dezelfde leefwijze, als vóór den wijze van
vloed; zij trokken met hunne kudden doorfojicHs
de vruchtbare oorden van Mesopotamië
zoodat zij zich dan hier, dan daar met''"S®"'
die kudden bevonden, zooveel mogelijk in de
grasrijkste oorden hunne tenten opslaande.
De toestand der kunsten was ook omtrent
dezelfde, als vóór den vloed; helgene
zij onthouden hadden, vervaardigden zij
nu weder als voorheen; daar de nood het
eischte, vonden zij nieuwe dingen uit.
Inzonderheid hebben zij, die hel zuidelijke
gedeelte van Azië en Egypte bevolkten,
waar de landbouw meer dan de veefokkerij
beoefend werd, vele vorderingen in het
uilvinden en verbeteren der kunsten gemaakt.
Vooreerst hadden zij nog geene vijanden
te bevechten, dan de verscheurende dieren,
welke hunne kudden aanvielen; nimrod
muntte zeer uil in het verschalken en doo-
den dier roofdieren. Deze man werd de
stichter en bestuurder van het oudste Rijk
(Ier wereld, het Babylonische genoemd, even
als assür, de zoon van se.m, het Assyrische
oprigtle (t).
VI. Het oogmerk der menschen was Hag ^an
eerst, bij elkander te blijven wonen. Deden to-
C) Gen. IX , VS. 28 cn 29.