Boekgegevens
Titel: Jeugd en vreugd: een leesboek voor de middelste klasse der volksschool
Auteur: Vletter, W. de
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten & zoon, 1883
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9147
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202255
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Jeugd en vreugd: een leesboek voor de middelste klasse der volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
35
Die man had heel veel pleizier in den hond en wilde
hem koopen, maar daar wilde vader niet van weten.
O , is zoo'n aardig beest !
XIL DE KONIJNEN.
Willem en Grorrit hadden van hun vader vier
konijnen gekregen. Een bont , een grauw en twee
witte. De witte vind ik de mooiste; zij zijn zoo
zindelijk en helder en hebben lieve roode oogjes.
Ik denk, dat de konijntjes wel blij waren , dat zij
bij Willem en Gerrit kwamen; want zij mochten
op eene groote open plaats rondloopen. Bij den man,
van wien hun vader ze gekocht had , woonden zij
in een nauw hokje. Daar was het bijna altijd vuil
en morsig in ; ook waren ze altijd alleen. Nu loo-
pen ze allen bij elkander, en kunnen dus zooveel
pleizier maken , als zij willen.
Laatst ben ik eens met Willem wezen kijken. Toen
hij bij het hek kwam , liepen alle konijnen dadelijk
naar hem toe.
„Ze weten al, hoe laat het is," zei Willem. „Op
dit uur krijgen ze altijd eten van mij."
Nu gaf hy hun versehe koolbladeren; en ge hadt
eens moeten zien , hoe smakelijk ze daarvan aten.
„Dat is eene lekkernij voor henzei Willem;
„hun gewone voedsel is gras ; ook krijgen zij dik-
wijls aardappelschillen. Maar het liefst van alles
2