Boekgegevens
Titel: Jeugd en vreugd: een leesboek voor de middelste klasse der volksschool
Auteur: Vletter, W. de
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten & zoon, 1883
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9147
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202255
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Jeugd en vreugd: een leesboek voor de middelste klasse der volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
mij in het midden; zij gaven mij elk eene hand; zoo
leerde ik mijne beenen uitslaan. Nu kan ik al zoo
wat mee doen. Eiken middag gaan wij, als de school
uit is, naar den vijver en hebben er heel wat pret.
Somtijds rijden wij allen achter elkander; die het
beste rijdt, vooraan. Ook rijden wij wel eens om
het hardst; maar dan wint Klaas van den smid het
altijd. Die kan ook achteruit rijden.
„Als er weer goed ijs is," zegt vader, „mogen
wij eens met hem naar de stad rijden."
V. D E K E R M I S.
Driemaal in een jaar krijgen wij vacantie op school.
Met Kerstmis en met Pinksteren voor eene week,
maar in den zomer, in Juli, voor veertien dagen.
De zomervacantie is het pleizierigst. 's Vrijdag-
middags doen wij. op school ons gewone werk al
niet meer; dan geeft de meester ons het werk op,
dat wij in de vacantie moeten maken. Als dat
gedaan i.s, worden de leien, de boeken en de schrif-
ten geborgen, en gaat meester ons wat vertellen.
Maar goed luisteren kunnen we haast niet meer;
we verlangen allen te veel naar het einde van den
schooltijd. Heeft de klok eindelijk drie uur ge-
slagen, dan gaat de school uit en we loopen allen,
zoo hard wij maar loopen kunnen, naar de markt