Boekgegevens
Titel: Vraagstukken over de driehoeksmeting
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Amsterdam: W. Versluys, 1889
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9095
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202236
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Goniometrie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken over de driehoeksmeting
Vorige scan Volgende scanScanned page
Goniometrische verhoudingen van scherpe hoeken.
1. Bereken in 4 decimalen nauwkeurig den cosinus van 45°.
2. Bepaal de secans van 60°.
3. Van welken scherpen hoek is de sinus gelijk aan den
cosinus ?
4. Bereken de tangens van 30°.
5. Als de rechthoekszijden van een rechthoekigen driehoek 5
en 12 zijn, hoe groot zijn dan de cosinus en de sinus
van den kleinsten hoek van dien driehoek ?
6. Bereken sin a cos « -j- sin cos sin c cos c, als
« = 30°, = 45° en f = 60°.
7. Bereken voor dezelfde, waarden van a , b en c
sin^ a 2 sin^ ^ + 3 sin^ c
cos^ rt + 2 cos^ b T, cos^ c
8. Van welken scherpen hoek is de tangens gelijk aan de
cotangens ?
9. Van welken hoek is de secans 2 ?
10. Van welken hoek is de sinus
11. Voor welken scherpen hoek zijn de secans en de cosecans
■ gelijk ?