Boekgegevens
Titel: Vraagstukken over de driehoeksmeting
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Amsterdam: W. Versluys, 1889
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9095
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202236
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Goniometrie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken over de driehoeksmeting
Vorige scan Volgende scanScanned page
44
9- Van een boldriehoek zijn gegeven
a — 68" 2o' 25", b = 25" 18' 15" en C = 117'" 12' 20'
Bereken de overige elementen.
Eindex. Gymn. Arnhem.
10. Van een boldriehoek is gegeven
a ^ 50° 19' 40", b = 20° 16' 38", L B = 24" 9' 55"
Bereken de overige elementen.
Toelatingsex. Univ. 1886.
11. Van een boldriehoek is gegeven
^ A = 55" 42' 7", ^ B 45" 44' 6", i C = 135» 15' 57".
Bereken de overige elementen. Idem.
12. Hoe groot is de loodrechte boog, die uit één der hoek-
punten C van een boldriehoek AIjC op de overstaande
zijde AB kan neergelaten worden , indien gegeven is :
AB = 48° 10' 23", BC = 30' en AC = 58° 12' ?
Litt. Mathem. ex. 1882.
13. In een gelijkzijdigen boldriehoek is 2 cos « . sin J A = i.
Bewijs dit. Toelatingsex. Univ. 1886.
14. De tweevlakkige hoek, die de opstaande ribbe van een
regelmatige vijfzij dige piramide tot ribbe heeft, is 140°.
Bereken den tophoek van het opstaand zijvlak.
Litt. Mathem. ex. 1884.
15. Welken hoek maakt de boog , die den grootsten hoek van
een bol A middendoor deelt, met de overstaande zijde, als
de hoeken van dien driehoek 59° 23' 40', 95" o' 27" en
119° 56' 33' groot zijn? Idetn. 1888.
16. Van een boldriehoek is gegeven
a = 134" 15' 54", b = 150° 57' 5", L B 144° 22' 42'.
Eindex. Gymn. Zwolle 1886.
17. Van een boldriehoek is éen der zijden 90' en de aanlig-
gende hoeken bedragen 110° 47' 50" en 135° 35' 35". Be-
reken hieruit de overige elementen des driehoeks.
Litt. Mathem. ex. 1888.
18. Uit de 3 zijden a,b, c van een boldriehoek de loodlijn
te berekenen , die men uit het hoekpunt A op de over-
staande zijde kan neerlaten. Idem 1885.