Boekgegevens
Titel: Beginselen der nieuwere meetkunde
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1897
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9075
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202217
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der nieuwere meetkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
§ 30. Bepalingen. Men noemt het punt S in Fig. d4 het
uitwendige gel ij k vor m i gheid spu nt van de 2 cirkels.
Men noemt het punt S, in Fig. 15 het inwendige gelijk-
vormigheidspunt van de 2 cirkels.
Elke 2 cirkels, zie Fig. 16, hebben dus een uitwendig en een
inwendig gelijkvormigheidspunt.
Rg. 16.
De uiteinden van twee evenwijdige stralen noemt men
gelijkstandige of homologe punten b. v. A en a, of
A en h.
Twee punten van verschillende cirkels, die met een gelijkvor-
migheidspunt in dezelfde rechte lijn liggen, zonder dat de stralen
van die twee punten evenwijdig zijn, heeten antihomologe
punten b. v. A en a^, of a en A,, Fig. 17.
De koorden, die twee paar homologe punten verbinden, noemt
men homologe koorden.
De koorden, die twee anti homologe punten verbinden, noemt
men anti-homologe koorden.
§ 31. Omdat elke lijn, die door S gaat, de cirkels snijdt in
punten, wier stralen twee aan twee evenwijdig loopen, zal een lijn,
die door S getrokken wordt en raakt aan den eenen cirkel, ook
raken aan den anderen cirkel. Voor twee cirkels, waarvan de een
niet geheel binnen den anderen ligt, valt dus het snijpunt der
uitwendige raaklijnen samen met het uitwendige gelijkvormigheids-
punt.
Evenzoo valt voor twee cirkels, die geheel buiten elkaar