Boekgegevens
Titel: Praktisch cijferboek voor de Nederlandsche jeugd
Deel: 1e stukje
Auteur: Veenendaal, J.H.; Kok, J.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1856
3e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8874
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202213
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Praktisch cijferboek voor de Nederlandsche jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
TELLING,
(a.)'
1). Schrijf de volgende getallen in woorden: 5,
4, O, 9, 3, 8, 2, 7, 1 en 6.
2). Nu ook deze: 12, 19, 27, 20} 30, 14, 16, 29,
17, 28, 11.
3). En deze: 31, 39, 32, 40, 43, 47, 45,50,54,
57.60,69,66.
4). Kunt gij ook deze getallen wel in schrijflette-
ren overzetten: 70, 75. 77, 78, 80, 82, 86, 88, 90,
91,94,97,99,93?
5). Als ook: 51, 65, 64, 95, 98, 85, 87, 71, 74,
44 , 49. 38, 83 ?
6). Men schrijve, in schrijfletters, hoeveel eenhe-
den en tientallen de navolgende getallen bevatten:
5, 18, 81, 26, 62, 73, 37, 95, 59, 60, 06, 45, 70,
83 , 09, 77.
7). Wilt gij eens de getallen schrijven van 1 tot
en met 99 ?
8). Wilt gij nu eens de getallen'schrijven van 60
tot 10?
9). Beproef eens, om in cijfers te zetten, de getallen
van 2 tot en met 80, telkens roet 2 opklimmende ;
b v. 2, 4, 6 enz.
10). Alsmede van 3 tot en met 96, telkens met drie
opklimmende; b. v. 3, 6, 9 enz.
11). Welke onevene getallen heeft men tusscben
22 en 84 ?