Boekgegevens
Titel: Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Amsterdam: W. Versluys, 1894
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9068
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202208
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Vormleer (wiskunde), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
INHOUD VAN DE RECHTHOEKIGE ZUIL
§ 104. Men zou de rechthoekige zuil ten aanzien van haar
inhoud volkomen op dezelfde wijze kunnen behandelen als
vroeger de rechthoek besproken is. Was echter reeds bij den
rechthoek het aantal gevallen, waarop men had te letten,
vrij groot, bij de zuil zou dat nog in veel sterkere mate het
geval zijn. Daarom volgen wij hier een handelwijze, die bij
andere lichamen, zooals den cilinder toch moet gevolgd wor-
den. Bij die handelwijze maken we rechtstreeks gebruik van
hetgeen bij de rechthoeken gevonden is.
In de eerste plaats dan nemen we een rechthoekige zuil,
waarvan de hoogte i decimeter is. Men doe goed opmer-
ken, dat de inhoud van het lichaam evenveel kubieke een-
heden bevat, als het grondvlak vierkante eenheden. Daartoe
neme men verschillende voorbeelden zoowel met geheele als
met gebroken getallen.
t? 105. In de tweede plaats neme men een rechthoekige
zuil, waarvan de hoogte 2, 3, 4, enz. decimeters bevat.
In de derde plaats neme men een rechthoekige zuil,
waarvan de hoogte V-i , %, 'A dM. enz. Men doe opmer-
ken, dat zulk een lichaam de helft, een derde, een vierde
enz. is van een lichaam, welks hoogte i dM. is.
In de vierde plaats neme men gevallen, waarbij de hoogte
wordt aangewezen door een breuk, zooals '^/s, V2 dM
enz. Men doe opmerken, dat een lichaam, welks hoogte
V3 dM is, 2 maal zoo groot is als een lichaam, dat gelijk
grondvlak heeft, en welks hoogte dM is.
Wordt de hoogte aangewezen door een gemengd getal,
dan kan men op tweeërlei wijze handelen. Men kan het
gemengde getal herleiden tot een onechte breuk, en men