Boekgegevens
Titel: Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Amsterdam: W. Versluys, 1894
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9068
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202208
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Vormleer (wiskunde), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
63
lijn neerlaten op die lijn ? De leerling ziet, dat er slechts
één is, zoodat het overigens eenvoudige bewijs, dat men
gewoonlijk in de meetkunde geeft, hier overbodig is.
§ 97. Uit een punt in een gegeven rechte lijn een loodlijn
op die lijn op te richten.
Zij P het gegeven punt in de gegeven
rechte lijn AB. Neem aan weerszijden van
F op de gegeven lijn twee gelijke stuk-
ken PC en PD. Beschrijf uit C en D met
een zelfden straal twee cirkelbogen, die
elkaar snijden in E. Vereenig daarna E
met P, dan is EP de gevraagde lijn. Neemt
men AB eerst horizontaal, dan valt in het
oog, dat de figuur symmetrisch is ten
aanzien van EP.
Een gegeven hoek middendoor te deelen.
Neem op de beenen van den
hoek, van het hoekpunt af, twee
gelijke stukken BA en BC. Be-
schrijf uit A en C met een zelf-
den straal 2 cirkelboogjes, die
elkaar snijden in P , dan is BP
de lijn, die den hoek midden-
door deelt. Men heeft hier ten opzichte der 2 beenen vol-
komen op dezelfde wijze gehandeld, zoodat de symmetrie
der figuur ten aanzien van BP terstond in 't oog valt. Wel-
licht gebeurt dit nog iets gemakkelijker, als men den hoek
eerst met zijn hoekpunt naar beneden plaatst, zóó dat de
deellijn een vertikale lijn wordt. Men kan hier ook AP en
CP gelijk nemen aan AB en CB.
Een gegeven hoek in 4 en 8 gelijke deelen te verdeelen. Men
deelt eerst den hoek middendoor, vervolgens elke helft weer
middendoor, enz.
§ 99. De leerlingen kunnen hier met nauwkeurigheid
een aantal figuren teeken, die zij vroeger slechts op het
gezicht konden maken. Voorbeelden.