Boekgegevens
Titel: Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Amsterdam: W. Versluys, 1894
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9068
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202208
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Vormleer (wiskunde), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
36
cirkel even lang zijn, kan men, als alleen op de lengte gelet
wordt, spreken van de straal van een cirkel.
In welk opzicht verschillen twee stralen van
een cirkel ? (In ligging of stand).
Een cirkelomtrek is een kromme lijn, waar-
van alle punten in een plat liggen en even
ver verwijderd zijn van een punt, dat ook in
het vlak ligt. Nu kan men door de leer-
lingen ook laten zeggen, dat het middelpunt van een cirkel
het punt is, dat in het vlak van den cirkel ligt en waarvan
alle punten van den cirkelomtrek op gelijke afstanden ver-
wijderd zijn.
Beschrijf 2 cirkelomtrekken, die hetzelfde middelpunt en
verschillende stralen hebben. Beschrijf 2 cirkelomtrekken,
die verschillend middelpunt en gelijke stralen hebben. Be-
schrijf 2 cirkelomtrekken, die verschillend middelpunt en
ongelijke stralen hebben.
Wat weet gij van 2 cirkels, die in hetzelfde plat vlak
liggen, hetzelfde middelpunt en gelijke stralen hebben.?
Men doe ook opmerken, dat twee cirkels met gelijke
stralen gelijk zijn.
§ 48. Een rechte lijn, die twee punten van een cirkel-
g omtrek vereenigt en door zijn middelpunt
gaat, noemt men een middellijn van den
cirkel. De leerling ziet op het oog, dat
elke middellijn den cirkel midden door deelt
en dat een middellijn gelijk is aan twee
stralen. Hieruit volgt, dat alle middel-
__lijnen even lang zijn.
A Wordt een cirkel doorgevouwen volgens
een middellijn, dan vallen de twee deelen der figuur geheel
samen. Men kan dus een cirkel volgens een onbepaald aan-
tal rechte lijnen in twee deelen verdeelen, die elkaar kunnen
bedekken. Tegenover de leerlingen noeme men bepaalde
getallen zooals 20, 100, 1000, enz. Dat de cirkel de eenige
vlakke figuur is, die zoo volgens een onbepaald aantal rechte